AMSTERDAM - De uitlatingen van VVD'er Arend Jan Boekestijn over ontwikkelingshulp zijn meer dan 'een Boekestijntje'.

Dat zegt Oxfam Novib-directeur Farah Karimi. Ook Peter Konijn, adjunct-directeur van Cordaid, laat niets heel van de opmerkingen van de gewezen VVD-parlementariër. Boekestijn stelde maandag in een interview met NU.nl dat het voor de ontwikkeling van Afrikaanse landen beter is als er niet geïntervenieerd wordt bij conflicten.

"Dit getuigt van gebrek aan medeleven met de slachtoffers van oorlogsgeweld en van kortzichtigheid", aldus Karimi.

Humanitaire ramp

Zij trekt de vergelijking met de oorlog in Rwanda in 1994. Toen greep de internationale gemeenschap niet in toen daar zich een humanitaire ramp voltrok. "Dit had tot gevolg dat 800.000 Tutsi's en gematigde Hutu's op beestachtige wijze werden vermoord."

Volgens Peter Konijn hebben vredesmissies zich de afgelopen jaren juist bewezen. "Het aantal slachtoffers bij conflicten is enorm afgenomen. We horen er wel dagelijks van, maar het aantal doden bij conflicten zoals een paar jaar geleden in Angola of Liberia is een veelvoud ten opzichte van huidige conflicten."

Belangen

Karimi hekelt het beeld dat Boekestijn geeft over de sterke verwevenheid van hulporganisaties en politieke partijen. De VVD'er stelde dat de budgetten voor deze organisaties niet onafhankelijk worden geëvalueerd, vanwege de gevestigde belangen.

Karimi: "Hij schetst een beeld van ontwikkelingsorganisaties die elke evaluatie van hun werk tegenwerken en hij noemt Oxfam Novib en mijzelf in het bijzonder. Ontwikkelingssamenwerking is in Nederland al veruit de meest geëvalueerde sector."

Volgens Konijn heeft Boekestijn het over een 'niet bestaand feit'. "Wij werken volgens vastgelegde kwaliteitsnormen. Ook de normen voor evaluatie liggen vast. De organisaties die de hoogste kwaliteit leveren krijgen geld en worden gewoon gecontroleerd op effectiviteit."

Meer inzicht

Karimi, voormalig GroenLinks-Kamerlid, erkent wel dat er meer inzicht moet komen in hoe armoede effectiever kan worden bestreden. "Ik heb zelf vorig jaar in mijn nieuwjaarslezing opgeroepen tot een brede parlementaire enquête naar internationale samenwerking, inclusief ontwikkelingssamenwerking. Boekestijn weet dat, maar het komt hem blijkbaar beter uit daarover nu te zwijgen."

Ze kaatst de bal terug door te stellen dat andere bestedingen ook geëvalueerd moeten worden. "Ik heb grote vraagtekens bij de effectiviteit van het Afghanistan-beleid. Aan het militaire deel is tien keer meer uitgegeven dan aan ontwikkeling. Wat is daarvan het resultaat?"

Microkrediet

Karimi: "Wat me echt stoort is dat Boekestijn als deskundige niet weet, of net doet of hij niet weet, hoe ons werk eruit ziet. Hij pleit voor de verstrekking van microkrediet aan kleine ondernemers. Dat doen we al jaren, we steunen op dit gebeid wereldwijd partners en hebben zelf aan de wieg gestaan van fondsen op dit terrein."

Karikatuur

Konijn stoort zich verder aan de opmerkingen van Boekestijn over dat hulporganisaties zich te veel richten op de publieke diensten en minder op economische ontwikkeling. "Wij investeren 30 procent van ons budget in ontwikkeling van de private sector. Sterker nog, het uitdelen van microkredieten is ontstaan vanuit de hulporganisaties."

De opmerkingen van Boekestijn maken in de ogen van Oxfam Novib-directeur Karimi een karikatuur van armoedebestrijding. "Het is goed dat hij het debat over ontwikkelingssamenwerking wil aanjagen, maar hij stelt echt teleur door zijn oppervlakkige analyses van oorlogen en conflicten en zijn naïeve geloof in de private sector.