AMSTERDAM - De strafzaak tegen Geert Wilders wordt niet vóór de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart behandeld. Wilders' advocaat Bram Moszkowicz heeft maandag gezegd dat dat onmogelijk is.

Er moeten nog procedures worden doorlopen voordat de rechtbank Amsterdam aan de inhoudelijke behandeling van de zaak kan beginnen.

Wilders wordt beschuldigd van aanzetten tot haat en discriminatie en het beledigen van een groep mensen.

Eerst is komende woensdag de behandeling aan de beurt van het bezwaarschrift dat de PVV-voorman tegen de dagvaarding heeft ingediend. Hij vindt dat hij niet vervolgd mag worden.

Onderzoeken

Afhankelijk van de beslissing die de rechtbank daarover neemt, is er volgende week woensdag een regiezitting. Op die zitting wordt besproken welke onderzoeken eventueel nog moeten worden gedaan.

Volgens Moszkowicz moet er nog behoorlijk wat werk verzet worden.

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft in januari 2009 van het gerechtshof in Amsterdam de opdracht gekregen Geert Wilders te vervolgen. Het OM wilde dat aanvankelijk niet doen, omdat het bepaalde stevige anti-islamuitspraken van de politicus niet zag als strafbare feiten.

Vervolging

Diverse personen en organisaties beklaagden zich, met succes, bij het hof over het uitblijven van vervolging.

Teksten als ''De grensen dicht, geen islamieten meer Nederland in, veel moslims Nederland uit'' en ''Ik heb genoeg van de Koran in Nederland: verbied dat fascistische boek'' zijn volgens het gerechtshof bedoeld om anderen van zijn ideeën te overtuigen en hen op basis daarvan tot actie te bewegen.

Daarbij speelt een belangrijke rol dat het gaat om ''eenzijdige formuleringen met een radicale strekking, niet-aflatende herhaling en toenemende felheid'', zo bepaalde het hof begin vorig jaar. De uitspraken zouden moslims in hun waardigheid aantasten.

Beledigen

Een ander onderdeel van de dagvaarding is het beledigen van een groep mensen, in dit geval moslims. Dat gaat over de vergelijking die Wilders heeft getrokken tussen de Koran en Hitlers boek Mein Kampf.

Voor andere misdrijven die de politicus volgens de klagers zou hebben begaan, zoals smaad en godslastering, zag het gerechtshof geen aanknopingspunten voor vervolging.