DEN HAAG - Premier Jan Peter Balkenende ontkent dat hij een onderzoek van de Nationale ombudsman naar klachten van Edwin de Roy van Zuydewijn probeert te frustreren.

Wel heeft hij de Nationale ombudsman Alex Brenninkmeijer er in een brief op gewezen dat hij eigenlijk niet bevoegd is om onderzoek te doen naar het Kabinet der Koningin, omdat dat volgens Balkenende geen bestuursorgaan is.

De minister-president stelt dat hij volledig meewerkt aan het onderzoek.

GroenLinks

''Ik heb alle vragen beantwoord'', zei hij dinsdag op vragen van GroenLinks, die hem tijdens het wekelijkse vragenuurtje ter verantwoording had geroepen.

Aanleiding was een bericht in de Volkskrant dat Balkenende het onderzoek naar de mogelijke bemoeienis van de rijksoverheid met het privéleven van De Roy van Zuydewijn zou hebben gedwarsboomd.

Onzinnige berichtgeving

Balkenende sprak van onzinnige berichtgeving en benadrukte dat de zaak niets met een doofpot te maken heeft, zoals is gesuggereerd.

De ombudsman bekijkt onder meer of het Kabinet der Koningin in 2003 op eigen houtje onderzoek heeft gedaan naar De Roy van Zuydewijn. Het onderzoek, dat dit voorjaar begon na een klacht van de toenmalige echtgenoot van prinses Margarita, loopt nog.

Balkenende betreurt het dat zijn vertrouwelijke brief aan de ombudsman met kanttekeningen over diens bevoegdheid in de openbaarheid is gekomen. Hij noemde dat ''verfoeilijk''. Volgens Balkenende is de klacht van De Roy van Zuydewijn ongegrond. Maar het is aan de ombudsman om daarover te oordelen, aldus de premier.

De ombudsman hoopt het onderzoek nog dit jaar af te ronden. De Roy van Zuydewijn stelt jarenlang door de overheid te zijn tegengewerkt. Zo zou Bouwfonds zijn gestopt met het geven van opdrachten aan het bedrijf van De Roy van Zuydewijn, toen het Kabinet der Koningin informatie ging inwinnen bij Bouwfonds en nadat de rijksrecherche een onderzoek was gestart.

Ook zou de Rijksvoorlichtingsdienst zich hebben bemoeid met de eventuele deelname van De Roy van Zuydewijn aan een reclamecampagne.