WILLEMSTAD - De AOW-leeftijd op Bonaire, Sint Eustatius en Saba (BES-eilanden) wordt verhoogd van 60 naar 65 jaar als de Antilliaanse eilanden volgend jaar op 10 oktober bijzondere gemeenten worden van Nederland.

Volgens minister Piet Hein Donner (Sociale Zaken) is het logisch dat de eilanden ''instappen'' op 65 jaar, omdat de discussie in Nederland over verhoging van de AOW-leeftijd van 65 naar 67 jaar nog gevoerd moet worden in het parlement.

Dat stelde de bewindsman woensdag vlak voor zijn vertrek van de Antillen terug naar Nederland. Donderdag wacht hem het eerste debat in de Tweede Kamer over het kabinetsplan om vanaf 2020 de AOW-leeftijd te verhogen naar 66 jaar en in 2025 naar 67.

Ritme

Er moet nog besproken worden in welk ritme de leeftijd voor de oudedagsvoorziening op de BES-eilanden, AOV geheten, van 60 naar 65 jaar gaat.

Donner was zondag vertrokken voor overleg op de Antilliaanse eilanden over de gevolgen van hun nieuwe staatsrechtelijke status voor de sociale zekerheid.

De minister en staatssecretaris Ank Bijleveld (Koninkrijksrelaties) hebben dinsdag met Saba en Sint Eustatius afgesproken dat de eilanden hun eigen minimumloon en uitkeringen behouden.

Funest

Zo legde Donner uit dat bij de vaststelling van het minimumloon, omgerekend 2,76 euro per uur, gekeken is naar de economische situatie op de eilanden.

''We kunnen het minimumloon niet zo hoog maken als in Nederland. Dat zou funest zijn voor de economie van de eilanden.''

Later heeft de minister ook overleg gevoerd met Bonaire, waarvan de vertegenwoordigers dinsdag niet aan het overleg met Saba en Sint Eustatius mee konden doen. Maar hij gaat ervan uit dat de afspraken met de andere twee eilanden bindend zijn voor Bonaire.

Werkvergunningen

Ook zijn er afspraken gemaakt over vreemdelingen die (tijdelijk) werken op de eilanden. Zo komen de arbeidsmigranten de eerste vijf jaar niet in aanmerking voor een uitkering.

Ook zouden werkgevers die een tijdelijke werkvergunning krijgen voor een werknemer van buitenaf, verplicht moeten worden om tegelijkertijd een lokale kracht op te leiden.

Op die manier wordt volgens Donner voorkomen dat de volgende keer weer iemand van buitenaf gevraagd moet worden, terwijl een eilandbewoner geen werk heeft.