DEN HAAG - Jongeren kunnen nog steeds niet op een plek terecht voor de zorg die ze nodig hebben. Van een samenhangend aanbod van jeugdzorg, geestelijke gezondheidszorg en zorg voor licht verstandelijk gehandicapten is geen sprake.

De provincies moeten de jeugdzorg uitvoeren, maar hebben er geen grip op, ook omdat de zorg uit verschillende potjes wordt betaald .

Dat staat in een evaluatie van de Wet op de Jeugdzorg die minister André Rouvoet voor Jeugd en Gezin maandag naar de Tweede Kamer stuurt.

Sinds de invoering van de wet in 2005 moest de toegang tot jeugdzorg goed worden geregeld, moesten allerlei zorgverleners niet meer langs elkaar heen werken en zouden de kosten in de hand kunnen worden gehouden, mede omdat de provincies de touwtjes in handen zouden krijgen.

Wachtlijsten

Het evaluatierapport van advies- en managementbureau BMC stelt dat er nog veel te doen is voor het echt zover is. Door de wachtlijsten en de versnippering ''wordt het recht op jeugdzorg onvoldoende gerealiseerd''.

De onderzoekers opperen zelfs het in de wet vastgelegde recht op jeugdzorg te schrappen. Dit zou zich maar moeilijk verdragen met een makkelijke toegang tot de zorg en het op een onafhankelijke manier vaststellen van de zorg die een jongere nodig heeft.

Op deze onafhankelijke beoordeling door de Bureaus Jeugdzorg heeft een jongere recht, maar dit kost veel tijd.

De onderzoekers vragen zich af of deze manier van werken wel aansluit bij de problemen van jongeren, die zich nogal snel kunnen ontwikkelen. Daarom zou het beter zijn hulp voor probleemjongeren meer in hun eigen omgeving te zoeken.

Rouvoet

Dit sluit aan bij de lijn van minister Rouvoet, die samen met de provincies al tijden kampt met nauwelijks in toom te houden wachtlijsten in de jeugdzorg. Hij wil ook dat jongeren dichter bij huis lichtere hulp krijgen voor ze bij een Bureau Jeugdzorg aankloppen.

Begin volgend jaar komt de minister met zijn eigen visie over hoe het nu verder moet met de jeugdzorg. Harde ingrepen in de manier waarop deze zorg is georganiseerd, sluit hij niet uit. Nog deze kabinetsperiode wil Rouvoet knopen doorhakken.

Dat er jeugdzorg zal blijven, staat voor de minister vast, het gaat alleen om de manier waarop die moet worden georganiseerd.