Nederland heeft voor het tweede jaar op rij het beste pensioenstelsel ter wereld, schrijft adviesbureau Mercer in de Global Pension Index van het bureau. Nederland loopt uit op Denemarken, dat net als vorig jaar op de tweede plaats staat, Australië staat op plek drie.

In de Global Pension Index van Mercer worden de pensioenstelsels van meer dan dertig landen wereldwijd getoetst op toereikendheid, toekomstbestendigheid en integriteit. Op basis hiervan krijgt een land een bepaald puntenaantal.

Nederland scoort volgens deze rekenmethode 81 punten, vorig jaar was dat nog 80,3. Ons pensioenstelsel scoort met name goed op integriteit. Mercer geeft daar 88,3 punten voor. Ook in de andere twee categorieën waarop getoetst wordt, komt Nederland in de top drie. Daarnaast staat het stelsel er beter voor door de economische groei en stijgende arbeidsparticipatie.

De totaalscore zou volgens Mercer nog hoger uit kunnen vallen als huishoudens meer gaan sparen en hun schulden verminderen. Daarnaast kan Nederland de duurzaamheid van zijn pensioenstelsel verbeteren door de arbeidsdeelname op hogere leeftijd te stimuleren, in lijn met de stijgende levensverwachting, aldus het adviesbureau.

Pensioenstelsel scoort goed, ondanks zorgen over kortingen

Het stelsel scoort goed, ondanks toenemende zorgen binnen Nederland over de staat van de pensioenen.

"Er is het afgelopen jaar veel te doen om het pensioenstelsel in Nederland. Zeker nu het nieuwe akkoord er is en de nieuwe pensioenwet er aan zit te komen", stelt Marc Heemskerk, pensioenexpert bij Mercer. "We zijn met elkaar kritisch, en dat is ook goed want alleen dan kun je de kwaliteit blijven borgen. Maar soms is het goed om door dit soort onderzoeken je zegeningen te koesteren en te beseffen dat we het wereldwijd gezien erg goed voor elkaar hebben."

Pensioenkortingen lijken onafwendbaar

Vorige week maakten meerdere pensioenfondsen bekend dat de dekkingsgraad verder was afgenomen, waardoor kortingen onafwendbaar lijken. ABP, het grootste pensioenfonds van Nederland, zag de dekkingsgraad in het derde kwartaal dalen van 95,3 procent naar 91 procent. Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW) en PME noteerden eind september dekkingsgraden van respectievelijk 92,2 procent en 93,4 procent.

BpfBouw, het op twee na grootste pensioenfonds, zag de dekkingsgraad ook dalen, maar zit met 108,1 procent nog relatief comfortabel boven de kritische grens. Voor ABP geldt bijvoorbeeld dat er gekort moet worden als de actuele dekkingsgraad op 31 december 2019 onder de 95 procent ligt.