De collectie van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden is uitgebreid met een Vikingring. Het gaat om een zilveren ring uit de tiende eeuw. Het kleinood werd in december met een metaaldetector ontdekt in een maisveld bij Hoogwoud, een plaats in de kop van Noord-Holland.

Deze regio was vanaf de negende eeuw een uitvalsbasis voor Vikingen uit Scandinavië die in verder landinwaarts gelegen plaatsen op plundertocht gingen.

Het museum kocht het sieraad van de vinder, maakte conservator Annemarieke Willemsen donderdag bekend. Voorlopig is de ring alleen online te bewonderen.

Het museum is, net als alle expositieruimten in Nederland, voor onbepaalde tijd gesloten vanwege de coronacrisis.

De ring is te groot om aan een vinger te dragen

De ring is gevormd uit een staafje zilver met een gedraaide groef. Daarin loopt een fijn draadje filigraan (een draad die uit kleine bolletjes bestaat). Daardoor lijkt het alsof het sieraad gevlochten is. Op één plek is de ring wat dunner en daar komt het vlechtwerk samen.

Met een doorsnede van 25 millimeter is de ring erg groot om aan een vinger te dragen. Vermoedelijk is het geen vingerring, maar een miniatuurversie van de dikke gedraaide halsringen die uit Scandinavië bekend zijn.

Sieraad is vermoedelijk als hanger gedragen

Waarschijnlijk is deze ring als hanger gedragen, bijvoorbeeld aan een leren koordje om de hals. Daarop wijzen ook de slijtsporen op het dunne deel van de ring.

Het is bekend dat Vikingen miniatuurversies van belangrijke bezittingen, zoals zwaarden en bijlen, als sieraad droegen. Het museum denkt dat een Viking de ring is verloren tijdens een verblijf in Noord-Holland.