Met de landing van hun luchtballon is aan de recordvlucht van Tony Bradley en Leonid Tioekhtyaev een einde gekomen. De twee kwamen zaterdag neer in de Golf van Californië in Mexico.

De Amerikaanse Troy en Russische Tioekhtyaev braken twee records met hun vlucht die bijna een volle week duurde.

In zes dagen en ruim zestien uur legden ze 10.696 kilometer af. Dat is ruim 2.000 kilometer verder dan de enige eerder bemande trans-Pacifische luchtballonvaart uit 1981. Ook zat er nog nooit iemand zo lang in een luchtballon. De 'Eagles' verbraken het oude record uit 1978 met bijna een etmaal.

De records zijn nog onofficieel. Het kan maanden duren voordat de internationale luchtvaartfederaties erkenning geven. De ballonvaarders gaan er niet vanuit dat hun landing in zee het Pacifische afstandsrecord in de weg staat. 

"Ook een waterlanding wordt geaccepteerd volgens de internationale regels voor wereldrecords," zegt een woordvoerder van de twee.

Zuurstofmaskers

Bradley en Tioekhtyaev gebruikten geen normale heteluchtballon, maar een dichte ballon die gevuld is met helium. De twee vlogen zo hoog, dat ze soms zuurstofmaskers moesten dragen om genoeg lucht te krijgen.

Ze waren vorige week zondag opgestegen in de Japanse stad Saga. Vrijdag wisten ze al dat ze het afstandsrecord verbroken hadden. Ze voeren toen verder om ook het tijdsrecord te verbreken.