AMSTERDAM - Bij drie zelfmoordaanslagen in het centrum van de Noord-Syrische stad Aleppo zijn woensdag ten minste 31 mensen om het leven gekomen.  

Tientallen mensen raakten gewond, van wie veel ernstig. Dat hebben zowel de Syrische autoriteiten als activisten gezegd.

De explosies hadden binnen enkele minuten na elkaar plaats bij een legergebouw op het centrale plein van de stad, dat in handen is van regeringstroepen.

Een regeringswoordvoerder, die conform het beleid anoniem wilde blijven, zei dat twee mannen die zich ook wilden opblazen, werden gedood voor ze hun explosieven tot ontploffing konden brengen.

Staatstelevisie

De Syrische staatstelevisie legde de schuld van de explosies bij terroristen, een term waarmee naar opstandelingen wordt verwezen. Op televisiebeelden was de enorme schade te zien die de explosies hebben aangericht. Eén gebouw werd met de grond gelijk gemaakt en de voorgevel van een ander pand raakte zwaar beschadigd.

"Het was alsof er een reeks aardbevingen plaatsvond", zei een bewoner die anoniem wil blijven uit vrees voor vergeldingsacties. "Het was angstaanjagend, angstaanjagend." Hij zei dat het legergebouw en een bekend hotel aan het plein vrijwel volledig zijn verwoest.

Activist Mohammad Saeed zei dat het autobommen lijken te zijn geweest. "Dit gebied wordt zwaar bewaakt door beveiligers en shabiba", zei hij, verwijzend naar gewapende mannen die het regime van president Bashar Assad steunen. "Je vraagt je af hoe autobommen hier terecht kunnen komen."

Mensenrechten

Volgens het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten zijn de meeste slachtoffers militairen van het regeringsleger. De organisatie stelt dat de explosies volgden op een vuurgevecht tussen gewapende mannen en beveiligers van het legergebouw.

In Aleppo wordt al dagen hevig gevochten tussen het regeringsleger en opstandelingen die Assad uit het zadel willen wippen. 

Alle berichten over de onrust in het Midden-Oosten in ons nieuwsdossier