Overzicht: de Jasmijnrevolutie van Tunesië

AMSTERDAM - In Tunesië vinden zondag de eerste vrije verkiezingen van het land plaats. Een overzicht van de belangrijkste gebeurtenissen van de 'Jasmijnrevolutie', die een inspiratie bleek voor betogingen en omwentelingen in onder meer Egypte, Libië, Syrië en Jemen.

17 december 2010: Uit frustratie door corruptie, een slechte economische en eenuitzichtloos toekomstperspectief steekt fruitverkoper Mohammed Bouazizi uit het provinciestadje Sidi Bouzid zichzelf in brand.

18 december: De eerste protesten ontstaan uit woede om de werkloosheid en corruptie in Tunesië.

Bouazizi wordt het symbool van de opstand, die overslaat naar andere steden als Sousse en Sfax.

27 december: De opstanden bereiken hoofdstad Tunis. Zo'n duizend studenten gaan de straat op. De politie treedt hard op.

27/30 december: President Zine al-Abidine Ben Ali doet pogingen om de woede te sussen door de problemen van zijn bevolking te erkennen en toe te zeggen dat hij zal gaan investeren in werkgelegenheid. Ook brengt de president een bezoek aan de zwaargewonden Bouazizi.

4 januari 2011: Mohammed Bouazizi overlijdt aan zijn brandwonden in het ziekenhuis van Ben Arous.

5 januari: De betogingen tegen Ben Ali nemen in hevigheid toe. Veiligheidstroepen van de president blijven met harde hand optreden.

14 januari: De autoriteiten roepen de noodtoestand uit vanwege de bloedige confrontaties in het land. Het luchtruim wordt gesloten.

14 januari: Ben Ali vlucht naar Saudi-Arabië. Premier Mohamed Ghannouchi neemt als interim-president zijn taken waar. Na 24 jaar komt er een einde aan het autoritaire bewind van Ben Ali.

15 januari: De sfeer blijft op sommige plaatsen grimmig. In hoofdstad Tunis vinden plunderingen plaats.

17 januari: Opnieuw massale betogingen in Tunis. De demonstranten eisen dat de partij van Ben Ali volledig afstand doet van de macht.

28 februari: Premier Mohammed Ghannouchi stapt onder druk van de betogingen op en wordt opgevolgd door de 84-jarige Beji Caid Essebsi.

9 maart: De rechtbank van Tunis bepaalt dat de partij van Ben Ali wordt opgeheven. Het besluit leidt tot grote feestvreugde op straat.

20 juni: Ben Ali en zijn echtgenote Leila Trabelsi worden door rechtbank in Tunis bij verstek veroordeeld tot 35 jaar cel wegens diefstal en illegaal bezit van geld en waardevolle goederen.

28 juli: Ben Ali en zijn schoonzoon krijgen ieder 16 jaar cel opgelegd wegens corruptie.

15 augustus: Veiligheidstroepen zetten traangas in tegen woedende betogers die claimen dat de tijdelijke regering heeft gefaald bij het strafrechtelijk vervolgen van loyalisten van Ben Ali.

1 oktober: De verkiezingscampagne gaat van start. Een kleine honderd partijen en 11000 personen gaan strijden om de 218 zetels van de Constitutionele Vergadering, die het komende jaar een nieuwe grondwet moet gaan schrijven.

23 oktober: De dag van de historische verkiezingen. Gelijk aan het begin van de dag blijkt de opkomst bijzonder hoog te zijn.

Bronnen: berichtgeving NU.nl en persbureau Reuters.

Tip de redactie