GENEVE - De vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties Unhcr vreest dat burgers die het geweld in Libië willen ontvluchten, worden tegengehouden door troepen die trouw zijn aan dictator Muammar Kaddafi.

Dat heeft een woordvoerster van de VN-organisatie vrijdag gezegd in Genève. Volgens Unhcr is het aantal vluchtelingen dat de grens tussen Libië en Tunesië oversteekt de afgelopen twee dagen opvallend gedaald.

Waar eerder deze week 10.000 tot 15.000 mensen per dag het buurland bereikten, waren dat er donderdag nog slechts tweeduizend. De VN vrezen dat onveiligheid in het grensgebied het mensen die weg willen onmogelijk maakt te vluchten.

Aan de Libische kant van de grens zouden zwaarbewapende aanhangers van Kaddafi nu de dienst uitmaken. De vluchtelingen die Tunesië wel weten te bereiken, zijn volgens VN-hulpverleners bang en niet bereid over hun ervaringen te praten.

Moeilijk

Ook Artsen zonder Grenzen (AzG) meldde vrijdag dat het vluchtelingen moeilijk wordt gemaakt Libië te verlaten. ''Veel mensen die het land uit zijn gekomen hebben ons verteld dat gewonden het land niet uit mogen'', zei noodhulpcoördinator Ivan Gayton.

Omgekeerd mogen medewerkers van AzG die materiaal en medicijnen naar Libië willen brengen het land niet in.

Van een humanitaire crisis is volgens de hulporganisatie evenwel geen sprake. De vluchtelingen worden door de autoriteiten en de bevolking in Tunesië goed opgevangen. ''Doorgaans gaat het om gezonde mannen, ernstige medische noden zijn er niet vastgesteld'', aldus Gayton.

Voortgang

Volgens Unhcr is aanzienlijke voortgang geboekt met de repatriëring van met name Egyptenaren die naar Tunesië waren gevlucht. Verscheidene Europese landen en de Verenigde Staten helpen mee die mensen naar huis te brengen. Andere landen hebben financiële steun toegezegd.