Je hoeft niet per se iets revolutionairs neer te zetten om succesvol te worden, stellen deze ondernemers. Je kunt ook gewoon een bestaand product anders insteken. Hoe je dat doet? Joep Verbunt van matrassenbedrijf Matt Sleeps en Laurens Nolet van de circulaire fietsen van Roetz leggen het uit.

Veel producten zijn al een eeuw geleden uitgevonden. Het lijkt bijna onmogelijk om met dit soort producten een gat in de markt te vinden. Ondernemer Joep Verbunt liet zich daar niet door weerhouden. In 2015 begon hij een online matrassenbedrijf: Matt Sleeps. "Iedereen heeft een matras nodig. Ik zag juist een uitdaging om bezig te zijn met een product waar je een derde van je leven op doorbrengt."

Die keuze heeft Verbunt geen windeieren gelegd: Matt Sleeps groeide in drie jaar tijd met 1.700 procent en is uitgeroepen tot een van de snelst groeiende bedrijven van Europa.

Verbunt had een goed idee en een goed product, maar de timing was minstens zo bepalend voor zijn succes. "Toen ik begon kwam het online verkopen van producten op. Elke industrie ging erin mee. Maar de beddenwereld niet, omdat het online kopen van een matras lastig is. Je wilt het toch uitproberen. Daarnaast is met je kleren aan een matras vijf minuten testen in een showroom eigenlijk ook niet de manier. Wij kwamen toen als eersten in Nederland met het idee dat je onze matrassen honderd dagen gratis thuis kunt uitproberen."

“Meedoen en ook hip proberen te zijn, werkt vaak niet voor bedrijven die al heel lang bestaan.”
Joep Verbunt

Opboksen tegen de gevestigde orde

Roetz is ook een onderneming die succes wist te boeken met een product dat we allang kennen. In 2011 zette Tiemen ter Hoeven een bedrijf op dat oude fietsen inzamelt en daarvan weer nieuwe fietsen maakt. Het bedrijf wil de consumptiemaatschappij meer circulair maken. Dan is het een logische stap om in Nederland bij fietsen te beginnen, zegt Laurens Nolet, COO van het bedrijf. "Bijna iedereen heeft een fiets. Dat is onderdeel van de Nederlandse cultuur."

Dat de fiets door bijna iedereen wordt gebruikt, heeft ook nadelen. Nolet: "De fietsindustrie is groot en veranderen gaat met horten en stoten. Je moet namelijk opboksen tegen de gevestigde orde: vakmensen die al hele mooie fietsondernemingen hebben. Het is niet de snelste manier om succesvol te worden."

Dat herkent Verbunt ook. "De gevestigde partijen waren niet blij met ons. Daarnaast probeerden grote merken ons concept te kopiëren." Maar een jong bedrijf zijn heeft ook voordelen, zegt Verbunt. "Meedoen en ook hip proberen te zijn, werkt vaak niet voor bedrijven die al heel lang bestaan."

Altijd blijven verbeteren

Hoewel Matt Sleeps inmiddels toonaangevend is, is Verbunt nog niet klaar. Hij wil zijn matrassen blijven verbeteren. "Zo zijn we op het idee gekomen om een aanpasbaar matras te maken. Dat kun je per kant aanpassen door de lagen te draaien. Dat maakt ons opnieuw relevant."

Roetz blijft ook continu bezig met het verbeteren van het proces. Sinds een aantal jaar heeft het bedrijf ook e-bikes aan het assortiment toegevoegd, gemaakt van hergebruikte 'weesfietsen'. Nolet: "Voor veel componenten zijn we nog afhankelijk van andere partijen die niet circulair bezig zijn. Die willen we ook meekrijgen."

Daarom komt Roetz in september met een nieuwe e-bikeconcept. "We willen de fietsen gaan volgen en monitoren, zodat alle onderdelen altijd weer bij ons terugkomen voor onderhoud. Zo houden we de onderdelen zo lang mogelijk in gebruik en bereiken we een zo hoog mogelijk percentage circulariteit."

Concurrentie op de loer

Om de impact nog groter te maken, wil het fietsenmerk zich gaan richten op bedrijven met grote hoeveelheden fietsen. "We hebben bijvoorbeeld de NS, deelfietsbedrijven en hotels benaderd. Na vijf jaar danken zij de meeste fietsen af. Maar de onderdelen kun je nog prima hergebruiken en zo de fietsen opnieuw leven inblazen."

Zowel Roetz als Matt Sleeps schopt tegen de gevestigde orde aan. Verbunt is niet bang dat er straks weer een nieuwe Matt Sleeps zal opstaan. "De manier waarop we slapen zal immers nooit drastisch veranderen. Vroeger sliepen we op stro en paardenhaar, sinds de eind jaren vijftig op schuim en veren. Dat is nog steeds zo."