Ben je als ondernemer goed onderweg in eigen land, dan kun je overwegen om uit te breiden naar het buitenland. Maar op welke valkuilen moet je letten als je zaken wil gaan doen over de grens? Experts Marco van Hagen van de Kamer van Koophandel (KVK) en Birgit Oosterhuis van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) geven tips.

Een uitbreiding naar het buitenland is niet eenvoudig, maar is in principe voor elke ondernemer mogelijk, zegt Van Hagen van de KVK. "Je hoeft geen groot bedrijf te hebben om de buitenlandse markt te ontdekken. Zo kan je met je webwinkel ook spullen in Duitsland, Spanje of Brazilië verkopen of kan je als zzp'er in verschillende landen aan de slag."

Tip 1: Bereid je goed voor

"Wees goed voorbereid en duik niet meteen in het diepe", aldus Van Hagen. Zoek eerst uit of het land van je dromen wel echt geschikt is voor jouw bedrijf. Is er vraag naar je product? En wie zijn je concurrenten? "Op deze manier kom je niet voor verrassingen te staan."

"Vaak begint iemand een buitenlandse onderneming uit liefde", zegt Oosterhuis. "Uit liefde voor het land, de cultuur of een partner die er woont. Niemand zet gewoon ergens een stip op de kaart en begint daar een uitbreiding van zijn bedrijf. Als je aan ondernemen in een ander land wil beginnen, is het ook wel belangrijk dat je een klik hebt met een land."

Tip 2: Ken de wet

Zorg dat je goed op de hoogte bent van alle wettelijke regels voor ondernemen in het land dat je op het oog hebt. Dit geldt zeker voor landen buiten de Europese Unie. "In Europa zijn er vaak gezamenlijke regels, al hebben veel landen daarbovenop nog eigen wetgeving. Denk aan een eigen btw-tarief, of speciale regels voor verpakkingen", vertelt Van Hagen.

“We zien soms dat ondernemers te snel willen groeien en niet voldoende hebben gekeken naar de kansen die er nog in Nederland liggen.”
Marco van Hagen, Kamer van Koophandel

Dat kan tot onvoorziene problemen leiden. "Als er op verpakkingen van levensmiddelen niet de juiste tekst staat, kan je product blijven liggen bij de douane. Jij mag dit probleem dan zelf oplossen. Dat zorgt niet alleen voor veel frustratie, maar het kost ook geld."

Tip 3: Laat Nederland niet links liggen

"Ik wil mensen niet ontmoedigen, maar vertrek niet te snel naar het buitenland", adviseert Van Hagen. "Maar we zien soms dat ondernemers te snel willen groeien en niet voldoende hebben gekeken naar de kansen die er nog in Nederland liggen. Het is hier veel makkelijker om als bedrijf groter te worden, omdat hier alle regels en wetgeving al bekend zijn."

Tip 4: Leer je toekomstige klant en zakenpartners kennen

Als je de stap naar het buitenland zet, hoef je volgens Oosterhuis niet zelf het internet af te struinen op zoek naar de juiste zakelijke contacten. "Bel bijvoorbeeld de Nederlandse ambassade in het land waar je wil werken. Zij kennen de markt en weten precies welke zakenpartners je verder kunnen helpen." Daarnaast is het ook belangrijk om je klanten te leren kennen, stelt Van Hagen. "Ga er bijvoorbeeld niet van uit dat iedereen Engels spreekt. Leer echt de taal van het land spreken."

“Ondernemers die je zijn voorgegaan, weten als geen ander welke valkuilen je kan tegenkomen.”
Birgit Oosterhuis, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

Daarnaast is het slim om je te verdiepen in de sociale en ongeschreven regels. Oosterhuis: "Zo is in Duitsland hiërarchie veel belangrijker dan in Nederland en kan je iemand niet zomaar met 'je' aanspreken. Of neem nou van links naar rechts schudden met je hoofd: bij ons betekent dit dat je 'nee' zegt, maar in India betekent dit 'ja'. Als je dit niet van tevoren weet, kan dat voor veel verwarring zorgen."

Tip 5: Vraag hulp aan je concullega's

Wil je je bedrijf uitbreiden naar het buitenland, wees dan niet bang om zoveel mogelijk hulp in te schakelen. Dit kan bij de instellingen zoals KVK en RVO, maar ook bij je 'concullega's'. "Het wiel is al uitgevonden voor je. Maak hier gebruik van", adviseert Oosterhuis. Ondernemers die je zijn voorgegaan, weten als geen ander welke valkuilen je kan tegenkomen."