Steeds meer Nederlandse jongeren beginnen hun eigen onderneming. En dat is best een slimme zet. "De toekomst biedt weinig baangarantie. Weten hoe je moet ondernemen, kan dan heel nuttig zijn."

Toen Fleur Huijs (21) twintig was, had ze een jaaromzet van 10.000 euro. "Ik had een jaar daarvoor mijn eigen bedrijf opgericht", vertelt ze. Met Fleur Presents geeft ze presentatietrainingen aan scholieren en studenten. "Op school leer je helemaal niet hoe je moet presenteren. Terwijl dat zo'n belangrijke vaardigheid is."

Dat er behoefte is aan trainingen waarin je die vaardigheid leert, had Huijs goed gezien. En haar omzet stijgt. Alleen al in de eerste twee maanden van 2020 draaide ze meer omzet dan in haar hele eerste jaar.

“Het afgelopen jaar groeide het aantal ondernemers van achttien jaar of jonger met maar liefst 70 procent.”

Stijging aantal jongeren met eigen bedrijf

Huijs is niet de enige die al heel jong een eigen bedrijf runt. Sterker nog: ondernemen wordt steeds populairder onder jongeren. Het afgelopen jaar groeide het aantal ondernemers van achttien jaar of jonger met maar liefst 70 procent.

In 2018 schreven 3.876 jonge starters zich in bij de Kamer van Koophandel, een jaar later waren dit er 6.572. Ten opzichte van 2014, toen 'slechts' 1.945 minderjarigen zich inschreven bij de Kamer van Koophandel, is dit aantal dus explosief gestegen.

Inspelen op de arbeidsmarkt

"Een goede ontwikkeling", vindt Heleen Dura-Van Oord. Zij is bestuurslid bij Jong Ondernemen, een stichting de zich inzet voor ondernemerschap binnen het onderwijs.

"De arbeidsmarkt verandert in rap tempo", legt ze uit. "Van 65 procent van de nieuwe banen die er zullen komen, weten we nu nog niet precies wat ze zullen inhouden. Jongeren zullen hierop moeten worden voorbereid."

Vaardigheden als zelfredzaamheid, creativiteit en wendbaarheid zijn volgens Dura-Van Oord dan ook belangrijker dan ooit. "Door te ondernemen train je die. Ook doe je allerlei kennis op die van belang is op de arbeidsmarkt van de toekomst."

“Vooral het opmaken van een factuur vond ik lastig.”
Fleur Strijk (17)

Ondernemen op school

Dat merkte ook 5-vwo-leerling Fleur Strijk (17) toen ze bij het schoolvak economie haar eigen onderneming moest opzetten met behulp van het programma Junior Company van stichting Jong Ondernemen. "Vooral het opmaken van een factuur vond ik lastig", zegt ze.

Samen met drie klasgenoten richtte ze Kiss2Survive op, een bedrijfje dat makkelijk draagbare reanimatiekitjes voor scholieren ontwikkelt. "Mijn vader werkt op een ambulance en heeft een eigen bedrijf in reanimatietrainingen", legt Strijk uit. "Ik weet dus hoe belangrijk het is dat voorbijgangers kunnen reanimeren."

De reanimeerrugzakjes bevatten een beademingsmasker, pleisters, handschoenen en een handleiding. "Een bedrijf in Zeeland maakt de tasjes voor ons", aldus Strijk. Alles bij elkaar hebben ze tot nu toe 750 tasjes verkocht. Veel hebben ze er nog niet aan verdiend. "Maar dat maakt niet uit", aldus Strijk. "Het was vooral leuk en leerzaam."

“Mijn studie Frans viel eigenlijk niet te combineren met mijn bedrijf”
Fleur Huijs (21)

Lastig te combineren

Terwijl Strijk vanuit school gestimuleerd werd om te ondernemen, ervaart Huijs helemaal geen medewerking. "Bij mijn studie Frans gold een strenge aanwezigheidsplicht. Dat viel eigenlijk niet te combineren met mijn bedrijf."

Van haar nieuwe studie rechten volgt ze nu minder vakken, maar alsnog is het soms puzzelen. Ze vindt dan ook dat opleidingen hier meer rekening mee moeten houden. "Nu word je eigenlijk een beetje gestraft voor het feit dat je ondernemer bent." Toch is stoppen met haar bedrijf voor Huijs absoluut geen optie. "In de toekomst wil ik Fleur Presents alleen maar laten groeien."