Je komt ze overal tegen: Nederlandse ondernemers in het buitenland. Waarom zijn ze ooit met de noorderzon vertrokken, en is het gras echt zoveel groener aan de overkant? Deze week: Marije Passos, die in Portugal olijfolie maakt van de olijven uit haar eigen gaard in Condeixa-a-Nova.

Een fles olie voor in de pan en een iets duurder flesje voor over de sla: dan is het voor de meeste Nederlandse huishoudens wel weer genoeg. Maar echt goede olijfolie, zegt Marije Passos, is zó'n smaakmaker, zó onmisbaar in de keuken. Olie moet je zien als wijn, zegt de olijfboerin.

De smaak is afhankelijk van de olijf, van de groei, van de pluk en van de persing. Soms smaakt een olijfolie appelig, of kruidig, muntachtig, tomaatachtig, naar amandel of een beetje grassig. En er bestaan wel meer dan vijftienhonderd verschillende soorten olijven. "Als je mij twintig jaar geleden had verteld dat ik helemaal verliefd zou worden op het maken van olijfolie, dan had ik je uitgelachen."

Plukvakanties in de herfst

Passos was salesmanager bij een softwarebedrijf in Haarlem, en reisde met haar half-Portugese man regelmatig naar de streek van zijn ouders, om daar de druilerige herfst van Nederland in te ruilen voor het oogstseizoen in de olijfgaard van haar schoonouders.

“Elke liter olie kost 5 tot 10 kilo olijven”
Marije Passos

De olie die ze maken, wist zij, is bijzonder. Dus ze pakt wat flessen in en verkoopt die aan familie en vrienden in Nederland. "Iedereen was idolaat van onze olie. Ik begon olie steeds interessanter te vinden en ben een sommeliercursus gaan volgen in Sevilla. Terug in Nederland lonkte de gaard."

Passos' man wilde een restaurant openen in Portugal, en het stel verhuist. De olijfgaard wordt overgenomen, en inmiddels leven zij van de opbrengsten van de olie en het restaurant. De gaard is klein, er is veel concurrentie en voor elke liter olie is zo'n 5 tot 10 kilo olijven nodig. Hard werken dus, zegt Passos, zeker sinds er twee kinderen zijn geboren.

'Een olijfboom is voor je kleinkinderen'

"We proberen langzaam te groeien door nieuwe boompjes aan te planten. In Spanje zeggen ze: een olijfboom plant je voor je kleinkinderen, en dat is ook zo. Het gaat allemaal niet snel."

In de streek waar de familie woont zijn veel olijfgaarden niet meer in gebruik. Jongeren trekken er weg, en oude olijfboeren kunnen hun gaarden niet meer onderhouden. "Dus wij verzorgen de bomen en oogsten de olijven, in ruil voor een percentage van onze winst."

De leegloop in de ooit zo levendige Portugese olijfoliestreek doet pijn, zegt Passos. "Het is onze missie om olijfolie weer een plek te geven in centraal Portugal. Er stonden hier ooit 41 olijfpersen, en nu geen één meer."

Na wat tegenslagen - orkanen, overstromingen en een brand in de olijfgaard - besluit Passos om de productie van olie en het opzetten van hun merk Passeite zo duurzaam mogelijk te doen. "Dat klimaat zoveel impact had werd duidelijk door onze emigratie. Dicht bij de natuur word je veel meer geconfronteerd met klimaatverandering dan in de stad."

“Het is onze missie om olijfolie weer een plek te geven in centraal Portugal”
Marije Passos


"Schapen maaien het gras, onze verpakkingsmaterialen komen uit Portugal en niet uit Azië, en onze pakketten geven we niet langer aan een onderbetaalde, ongeïnteresseerde vrachtwagenchauffeur mee die een pallet in zijn ruim gooit."

De flessen olijfolie varen mee met een zeilschip. "Twee jaar geleden kwam ik in aanraking met New Dawn Traders, dat fairtradeproducten verhandelt tussen Brazilië, het Caribisch gebied en Engeland. En de zeilschepen bleken een stop in Portugal te hebben om vers voedsel in te slaan na de lange oversteek. We hebben de olie naar Frankrijk en Engeland gebracht met de Nordlys, een van de oudste zeilcargoschepen. Alle kopers stonden klaar aan de haven om hun olijfolie op te halen. Toen dacht ik: we moeten ook Nederland in!"

'Nog geen cashflow'

Dit emissievrije project is maar een druppel op een gloeiende plaat, zegt de olijfboerin. "Maar het gaat ons vooral om het geven van het goede voorbeeld dat het anders kan, en ook anders moet."

“Onze olie komt met een zeilschip naar Nederland.”
Marije Passos

Een goeie cashflow generen met de olie, daar is nog geen sprake van. Maar dat past bij het Portugese leven, zegt Passos. "Genoegen nemen met minder, kwaliteit van leven, gezond blijven en familie. Dat staat hier bovenaan. In deze streek denkt niemand aan dure auto's of merkschoenen. Er is minder haast, minder stress."

Alleen de Portugese bureaucratie, die zou wat minder kunnen. "We zouden onze hand wel willen ophouden voor een Europese subsidie, maar de Portugese regels maken het lastig. We zijn te klein. En het wordt kleine ondernemers niet makkelijk gemaakt. We betalen veel btw, en informatie is moeilijk te verkrijgen. Mijn man regelt veel van dat soort zaken. Ik ben een buitenlander, en het idee bestaat dat er bij mij wat te halen valt."

En waar de olie van Passos te halen valt? "In de haven van Scheveningen, als de boot aankomt. Dan kun je er gelijk een dagje uit van maken.