Luchtvaartmaatschappijen zullen de komende drie jaar gemiddeld 7,9 procent meer kwijt zijn voor het gebruik van Schiphol. Voor maatschappijen die schonere en stillere vliegtuigen inzetten wordt het aantrekkelijker om op Schiphol te vliegen.

Dat blijkt uit de nieuwe tarieven die Schiphol heeft vastgesteld voor de periode 1 april 2019 tot en met 31 maart 2022.

Komend jaar is de stijging van de haventarieven met 10,7 procent het hoogste. In 2020 wordt vliegen van en naar Schiphol 8,7 procent duurder en het jaar erop gaat het tarief nog eens met 4,2 procent omhoog.

Nieuwe regelgeving schrijft voor dat Schiphol de havengelden vanaf nu voor drie jaar vaststelt. Eerder gebeurde dit jaarlijks. Naast het start- en landingstarief brengt Schiphol met de haventarieven ook veiligheids- en passagiersdiensten in rekening.

Met de nieuwe tarieven betalen luchtvaartmaatschappijen in 2021 voor de meest lawaaiige en vervuilende vliegtuigen 180 procent van het basistarief van de start- en landingsgelden. Dat zijn bijvoorbeeld de Boeing 747-200 en de McDonnell Douglas MD-80.

Voor de meest stille en schone vliegtuigen, zoals de Airbus A320neo, A350-900, A380-800 en de Boeing 787 Dreamliner, betalen zij 45 procent van het basistarief. Ook liggen de tarieven 's nachts hoger dan overdag.

KLM is kritisch

Luchtvaartmaatschappij KLM vindt de stijging van de tarieven "zeer fors" en stelt dat die voor een deel terug te voeren zijn op de gestegen operationele kosten van Schiphol.

Ook vindt KLM dat vooral stillere vliegtuigen worden voorgetrokken met goedkopere tarieven, maar dat niet voldoende wordt gekeken naar duurzame initiatieven. De luchtvaartmaatschappij had bijvoorbeeld liever gezien dat kortere vluchten een hoger tarief zouden moeten betalen dan verre vluchten.