Nederlandse schapenhouders en slachters hebben tijdens het Offerfeest normaal gesproken niet te klagen over klandizie. Elke moslim die het zich kan veroorloven, eet deze week namelijk een stukje van een halal geslacht lam. Maar dit jaar leiden de islamitische kalender en twijfels over de slachtregels tot minder Nederlandse offerlammetjes. ​

Dit jaar is anders dan andere jaren, zegt Jeljer Wynia, schapenhouder in de Friese plaats Hitzum: "Normaal hebben we rondom het Offerfeest altijd een piek in de afzet, maar dit jaar valt het tegen." Het Offerfeest valt dit jaar in de zomervakantie en veel moslims offeren het schaap in het buitenland, legt Wynia uit.

Het nadeel van het Offerfeest is dat de islamitische kalender niet parallel loopt met de gregoriaanse kalender, vertelt Wynia, en dus weet de schapenhouder niet wanneer het zover is.

"Zo'n ram moet minstens een half jaar oud zijn, maar ze worden in maart geboren. Dat is lastig voor te sorteren. Bovendien bestelt het gros van de moslims last minute een lam, pas in de laatste week. Daar kun je moeilijk op inspelen."

Een beetje halal bestaat niet

Dan is er nog de rituele slacht. Moslims in Nederland zorgen tijdens het Offerfeest voor gemiddeld 56.000 geslachte schapen per jaar. Sinds juli 2017 zijn die regels aangescherpt: onverdoofd, halal slachten is vanaf dit jaar alleen toegestaan als de dieren veertig seconden na het aansnijden het bewustzijn hebben verloren.

Is een dier na veertig seconden nog bij bewustzijn, dan moet het dier alsnog worden bedwelmd door een dierenarts. Deze nieuwe regels leiden tot onrust in de islamitische gemeenschap, want het is de vraag of het vlees dan nog wel écht halal is.

Wel duizend telefoontjes kreeg Ab Boudount, eigenaar van slachthuis Boudount in 's Gravelande, deze week over de nieuwe slachtregels. "Het is moeilijk uit te leggen aan mijn klanten, want een beetje halal bestaat niet."

Pas over dertig jaar weer offeren in de zomer

Boudount verwacht dat hij dit jaar zo'n 40 procent minder schapen zal slachten. "Het is vakantie, de consumenten vertrouwen de nieuwe slacht niet en ook mijn personeel wil in de zomer naar het thuisland. Dus misschien is het maar goed ook. Ik hoef deze zomer niet zo hard te werken."

Het Offerfeest schuift elk jaar tien dagen op, legt Boulount uit, en over twee jaar valt het Offerfeest niet meer in de vakantie. "Dan doen we weer goede zaken en pas over 33 jaar vieren we het Offerfeest weer in de zomer."

Bij slachthuis Eikelenboom in Lith zal het aantal geslachte rammen dit jaar naar verwachting halveren, vertelt eigenaar Eikelenboom. "Het komt allemaal door die rituele slacht. Wij slachten gewoon halal én onder toezicht, maar dat wordt niet begrepen. Het gaat mis in de communicatie. Het is ontzettend rustig."

Geen zin in schaap? Doneren mag ook

Niet alle slachthuizen hebben hun zaken op orde voor de nieuwe wetgeving en slachten dan toch maar verdoofd, vertelt Halil Karaaslan, voorzitter van Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO). Dit jaar is er een pilot voor de slachthuizen.

"Het zorgt er ook voor dat we in onze diverse gemeenschap discussies kunnen voeren. Een schaapje slachten kan altijd, maar tijdens het Offerfeest moeten we ons afvragen hoe je jezelf als moslim kunt verbeteren, wat jouw offer voor God is", aldus Karaaslan.

Het is niet verplicht het schaap in Nederland te offeren en op te dienen: een gift overmaken naar behoeftige medemoslims is ook geldig offer. Zo kan iedereen tijdens het feest vlees eten.

Het gezin van Karaaslan haalt vandaag geen schaap op, maar maakt een bedrag over naar Ethiopië. "Zo'n schaap ligt hier toch nog weken in de ijskast."