Conflicten tussen een buitenlandse privé-investeerder en een EU-land mogen niet via geschillencommissies worden uitgevochten. 

Er moeten echte rechters aan te pas komen, zegt het Hof van Justitie van de Europese Unie in een zaak tussen het Nederlandse verzekeringsbedrijf Achmea en Slowakije.

Volgens het hof zijn dergelijke arbitrageprocedures, ISDS genoemd, tegen de EU-regels. De panels zijn niet bevoegd om zich bij zulke conflicten uit te spreken. Daarmee zet het hof in feite een streep door het ISDS-beding in de 196 bilaterale verdragen die bestaan tussen EU-lidstaten.

Slowakije trok aan de bel nadat het in 2012 via zo'n procedure was veroordeeld tot de betaling van 22,1 miljoen euro aan Achmea.

Dat concern had een dochterbedrijf in Slowakije opgericht nadat de zorgverzekeringsmarkt er in 2004 was opengesteld voor particuliere investeerders. In 2006 draaide het land de liberalisering echter deels terug waardoor Achmea forse schade opliep.

De bescherming van investeerders in handelsverdragen is een heikel onderwerp. In het in 2017 deels in werking getreden verdrag tussen de EU en Canada, CETA, zijn bepalingen over conflictbeslechting weggelaten. Brussel werkt aan de oprichting van een internationale 'geschillenrechtbank'.