De leegstand van kantoren is de laatste tijd gedaald, maar blijft structureel hoog. Ook op de langere termijn valt niet te verwachten dat de vraag naar kantoorruimte het huidige aanbod zal overstijgen. 

Dat schrijft het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) maandag in een rapport.

De vraag naar kantoorruimte groeit al sinds de eeuwwisseling minder hard dan de kantorenvoorraad. De prijzen die beleggers betaalden voor bedrijfsvastgoed bleven desondanks tot aan het crisisjaar 2008 stijgen. Daarna volgde een forse daling, maar de laatste tijd zitten ook de verkoopprijzen weer in de lift.

Die recente stijging lijkt volgens het PBL vooral gedreven door een ruime beschikbaarheid van kapitaal, in combinatie met een lage rente.

Dat maakt het voor beleggers interessant om in stenen te investeren. Van een koortsachtige vraag bij huurders is echter geen sprake.

Geen verloedering

Het PBL ziet geen bewijs dat kantorenleegstand ook een maatschappelijk probleem is. Er lijkt geen sprake te zijn van verloedering en leefbaarheidsproblemen, met bijvoorbeeld dalende huizenprijzen tot gevolg. Leegstand is dan ook vooral het probleem van de verhuurder die inkomsten misloopt.

Ook het effect op de financiële stabiliteit lijkt volgens het PBL beperkt. Nederlandse institutionele beleggers investeren zeer beperkt in Nederlands commercieel vastgoed in het algemeen en minder in kantoren specifiek. Ook bij banken zijn de risico's als gevolg van problematische vastgoedleningen de afgelopen jaren afgenomen.

Volgens het PBL zijn er wel signalen dat gemeenten de bouw van kantoren mogelijk willen maken op plekken waar nog altijd veel leegstand is. De nieuwbouw van kantoren kent echter een lange doorlooptijd. Hierdoor is de kans groot dat de extra vraag tegen de tijd dat ze worden opgeleverd, weer is teruggelopen. "Vooral provincies kunnen een rol spelen bij het beteugelen van overoptimisme". concludeert het PBL.