'Transparantie de manier voor eiersector om vertrouwen terug te winnen'

Nederland was vorig jaar de grootste exporteur van eieren, zo becijferde Eurostat deze week. Dit jaar werd de sector echter geraakt door het fipronilschandaal. Lukt het de Nederlandse bedrijven om hun goede positie te behouden?

NUzakelijk stelt deze vraag aan pluimvee-econoom Peter van Horne van de Universiteit van Wageningen en aan Henk van Hamersveld, algemeen directeur van eierverpak- en verwerkingsbedrijf Eicom uit Barneveld.

Consumentenvertrouwen

Het vertrouwen van de Nederlandse consument was al snel weer teruggewonnen, nadat bekend werd dat een deel van de Nederlandse eieren te veel fipronil bevatte. De band met landen die de Nederlandse eieren importeren, lijkt moelijker te herstellen.

De vraag uit Duitsland ligt bijvoorbeeld een paar procent lager dan we gewend zijn. Dit terwijl Duitsland in 2016 met een totale importwaarde van 369 miljoen euro nog de grootste importeur van eieren binnen de EU was, becijferde Eurostat.

Dat is makkelijk te verklaren omdat het Nederlandse ei in Duitsland een importproduct is, zegt pluimvee-econoom Van Horne. "De Nederlandse consument laat het ei niet zo snel liggen, maar in Duitsland is het net zo makkelijk om voor een Frans of Pools ei te kiezen."

Eicom-directeur Van Hamersveld, beaamt dit. "In Nederland eet iedereen die ik spreek gewoon eieren, maar in het buitenland is het lastiger. Nederland stond bekend als land dat veilige en goed geproduceerde eieren levert, en daar is wel even de klad in gekomen."

Geen zorgen

Toch hoeft de eiersector zich geen zorgen te maken, denkt Van Horne. "Ik kan geen reden verzinnen dat onze positie als grootste exporteur zal veranderen. We hebben nou eenmaal een hoog productieniveau, en de sector moet die eieren kwijt." Hij verwacht dat de afzet zal verschuiven naar markten in andere landen.

Het is van belang om aan het herstel van vertrouwen te werken. Dan zal ook de export naar Duitsland weer op het oude niveau komen, verwacht de econoom. "De Nederlandse eieren staan van oudsher bekend als kwalitatief goed. Het is zaak om goed te blijven controleren en daarover snel te communiceren. "

Transparantie

Transparantie is het sleutelwoord. "Laat zien hoe het product tot stand komt. Waar wordt alles gecontroleerd, verzameld en gesorteerd?"

Dan kan bijvoorbeeld door middel van moderne media, zegt van Horne. "Door video’s te maken, of webcams in de stallen op te hangen waarop mensen live kunnen volgen wat er gebeurt."

Die ontwikkelingen gaan nu nog te traag, zegt de econoom. "Voor wat betreft moderne media loopt de pluimveesector een beetje achter." Wie wars is van moderne media kan ook voor de ouderwetse manier kiezen, zoals een open dag, of een skybox in de kippenstal waarop consumenten te allen tijde plaats kunnen nemen.

Ook Eicom verwacht dat transparantie in de nabije toekomst een belangrijke rol zal spelen. "Mensen willen vanaf de productie in de voerfabrieken totdat het product in de winkel ligt, kunnen volgen wat er gebeurt", zegt directeur Van Hamersveld.

Het bedrijf werkt momenteel aan "een project" om meer transparantie te verwezenlijken, zegt hij. Hoe dat precies vorm zal krijgen, wil hij nog niet zeggen.

Kosten

Promotie kost natuurlijk wel geld. De discussie over de noodzaak van promotie in de eiersector speelt al langer. Is het de kosten wel waard?

Promotie is hard nodig om het vertrouwen terug te winnen, en het geld is juist nu in de sector te vinden, zegt Van Horne. "20 procent van de bedrijven zit aan de grond door de fipronilcrisis, maar de andere 80 procent heeft gigantische extra inkomsten. De prijs van eieren is door de schaarste met 40 procent gestegen."

Het zou die bedrijven sieren als ze die extra opbrengsten inzetten om het Nederlandse ei te promoten. "Daar heeft iedereen belang bij, óók de getroffenen."

Lees meer over:

Lokaal adverteren op NU.nl

Tip de redactie