Hoewel de Chinese economie kampt met een lagere groei, liggen er in het land nog volop kansen voor Nederlandse ondernemers. 

Dat stellen economen van ING in een vrijdag gepubliceerd rapport, aan de vooravond van het bezoek van een Nederlandse handelsdelegatie aan de Aziatische grootmacht.

China heeft de 'gouden jaren' met dubbelcijferige groei achter zich gelaten, maar met een groei van 6 tot 7 procent gaat het daar nog altijd harder dan in Europa.

Peking wil bovendien een omslag bewerkstelligen naar economische groei die meer is gebaseerd op de binnenlandse consumptie van de snel groeiende middenklasse, dan alleen op export en investeringen in infrastructuur. 'Made in Holland' kan hier de vruchten van plukken, menen de ING-analisten.

Schandalen

Ze wijzen er in dat verband op dat de Chinezen na een reeks van schandalen met in eigen land geproduceerde consumptiegoederen, waarvan dat met babymelkpoeder een berucht voorbeeld is, over de grens kijken naar veilige producten.

Nederland heeft op dat gebied een uitstekende naam, aldus de ING-analisten. Zo zijn naast babymelkpoeder ook Nederlandse toiletartikelen en bier al ongekend populair in China en is bijvoorbeeld ook de aardappel in opkomst.

Naast consumptiegoederen verwacht ING dat ook Nederlandse producenten van hoogwaardige technologie goed zaken kunnen doen in China. Verder zal de vraag naar specialistische diensten en kennis de komende jaren stijgen.