De zelfstandigenaftrek is een belastingvoordeel voor ondernemers waardoor zij minder belasting hoeven te betalen. De aftrek is concreet een vastgesteld bedrag dat  zelfstandige ondernemers mogen aftrekken van hun winst.

Voor 2015 bedraagt de zelfstandigenaftrek 7.280 euro als de zzp’er tenminste 1.225 uur heeft besteed aan zijn onderneming. Ook moet de ondernemer meer dan helft van zijn tijd besteden aan de onderneming. Een startende zzp’er heeft het recht om dit bedrag voor drie jaar te verhogen met de startersaftrek, in 2015 een bedrag van 2.123 euro.

De aftrek is alleen beschikbaar voor zogenaamde ib-ondernemers, oftwel ondernemers voor de inkomstenbelasting. Mensen die als hobby op kleine schaal een inkomen genereren, tellen bijvoorbeeld niet mee. Ook ondernemers die een BV hebben, de zogenaamde directeur-grootaandeelhouders (dga), komen niet in aanmerking.

Voor ondernemers betekent de zelfstandigenaftrek dat ze relatief een stuk minder belasting betalen op hun inkomen dan werknemers in vaste dienst. Een ondernemers die 24.000 euro winst maakt, betaalt bijvoorbeeld ongeveer 8 procent belasting. Een werknemer met hetzelfde inkomen heeft een belastingdruk van 24 procent.

Hier staat tegenover dat de ondernemer relatief meer risico’s loopt en minder gebruik kan maken van de sociale voorzieningen waar werknemers wel recht op hebben. Zo hebben ondernemers geen recht op een werkloosheidsuitkering en moet een zelfstandige zelf pensioen opbouwen.