Schiphol moet meer geprikkeld worden om de kosten van grote bouwprojecten zo laag mogelijk te houden. Zo kunnen de tarieven voor luchtvaartmaatschappijen en daarmee ook de ticketprijzen laag worden gehouden.

Dat schrijft de Autoriteit Consument & Markt (ACM) woensdag.

Volgens de toezichthouder helpt het als Schiphol langer zelf kan profiteren wanneer een project goedkoper uitvalt dan begroot. Aan de andere kant moet de luchthaven ook langer alleen op de blaren zitten als een project meer kost dan verwacht.

De Wet Luchtvaart zoals die nu bij de Tweede Kamer ligt, schrijft voor dat de luchthaven mee- en tegenvallers na viereneenhalf jaar verrekent in de tarieven.

Die termijn zou volgens de ACM moeten worden opgerekt naar minstens zes jaar. Schiphol stelt de tarieven elke drie jaar opnieuw vast.

Het ministerie van Infrastructuur en Milieu wil meevallers op projecten belonen vanaf 5 procent van het totale investeringsbedrag. Daarmee wordt de lat volgens de ACM te hoog gelegd. Schiphol moet worden gestimuleerd om ook werk te maken van kleinere kostenbesparingen, al vanaf een ton, meent de toezichthouder.

De tarieven van Schiphol zijn al jaren onderwerp van discussie met de luchtvaartmaatschappijen. Zij zagen de zogenoemde havengelden jarenlang stijgen, mede omdat Schiphol geld nodig had voor grote investeringen. Dit jaar gingen de tarieven overigens met 7 procent omlaag.