De rechtbank van Den Bosch gaat acht getuigen horen om te zien of er onrechtmatigheden zijn voorgevallen bij het eerste faillissement van Schoenenreus in januari 2013.

Dit meldt de rechtbank Oost-Brabant maandag.

Een vereniging van oud-werknemers van de winkelketen, stichting IPP, had de rechtbank verzocht 33 getuigen te horen. Ook het aantal vragen dat wordt gesteld aan de getuigen wordt beperkt van 91 naar 10. 

De rechtbank geeft aan dat een groot deel van het verzoek van stichting IPP is afgewezen omdat het doel hiervoor "te breed en te vaag is geformuleerd". 

Er kan volgens de rechtbank "redelijkerwijs" niet van het inmiddels opnieuw failliete Schoenenreus, dat na de doorstart in 2013 Schoenenreus II heet, en de bestuurders worden gevraagd dat zij meewerken aan een dergelijk omvangrijk onderzoek. 

Stichting IPP probeert de schade van hun ontslag te verhalen op de oud-bestuurders en op de curator van het eerste bankroet van Schoenenreus. 

Doorstart 

Schoenreus ging 24 januari 2013 voor het eerst failliet, maar maakte diezelfde dag een doorstart. Investeerders Synergia, Eric Companjen en Paul Schouwenaar namen het bedrijf over, maar vijfhonderd medewerkers verloren hun baan. 

Vakbonden spraken toen het vermoeden uit dat er bewust op een faillissement was aangestuurd. Ook zouden vooral de duurste krachten binnen het bedrijf zijn ontslagen. 

Het verhoor van de rechtbankhaakt hier op in. Er wordt antwoord gezocht op de vraag hoe bij Schoenenreus een keuze werd gemaakt tussen de werknemers die hun baan verloren en het personeel dat mocht blijven. De rechtbank verwacht dat dit verhoor maximaal vier kalenderdagen duurt. 

Onlangs ging de winkelketen opnieuw op de fles. De 121 overgebleven winkels in Nederland zijn vorige week weer geopend om de bestaande voorraad te verkopen en de kans op een doorstart te vergroten. Volgens de huidige curator zijn er meer dan tien partijen geïnteresseerd in een overname. 

Lees ook: Winkelketens die recentelijk failliet gingen