Meerdere Nederlandse verzekeraars zijn niet geslaagd voor de belangrijke Europese stresstest SCR. In de test is de financiële positie van de verzekeraars bij verschillende scenario's doorgerekend.

Dit om een indruk te krijgen van de veerkracht van de Europese verzekeringsmarkt in geval van ongunstige marktontwikkelingen.

Het blijkt dat niet alle verzekeraars in Nederland voldoen aan de score die vereist is voor de invoering van het nieuwe Europese toezichtraamwerk dat in 2016 van kracht wordt, laat De Nederlandsche Bank (DNB) weten. Namen van de betreffende partijen zijn niet bekend gemaakt.

DNB is inmiddels met de verzekeraars in gesprek over de uitkomsten van de test. De toezichtouder verwacht dat zij de nodige maatregelen treffen om aan het licht gekomen kwetsbaarheden aan te pakken.

Een meerderheid van de Europese verzekeraars is wel geslaagd voor de stresstest. In Nederland deden de zes grootste verzekeringsgroepen mee: Vivat, Nationale-Nederlanden, ASR, Achmea, Delta Lloyd en Aegon. Gemiddeld zaten hun scores wel boven het vereiste niveau.

Buffer

Wettelijk is vastgelegd dat zorgverzekeraars een eigen vermogen van minimaal 11 procent moeten aanhouden. Wanneer een verzekeraar hier precies aan voldoet, is er sprake van een buffer van 100 procent. 

Over het algemeen wordt het als verstandig gezien om meer dan alleen de minimale buffereis aan te houden. Tijdens de financiële crisis kwamen veel instellingen in de problemen omdat de buffers niet hoog genoeg bleken te zijn. 

Impact

Nederlandse verzekeraars zitten gemiddeld genomen nog altijd goed boven in het in Solvency II vereiste kapitaal, maar de lage rente is impactvol, zo stelt het Verbond van Verzekeraars in een reactie.

Volgens de branchevereniging speelt dit meer dan in andere landen omdat Nederlandse verzekeraars relatief veel langlopende pensioen- en levensverzekeringen in beheer hebben. Het Verbond gaat de aanbevelingen uit het rapport de komende tijd bestuderen.