Bij veel bedrijven ligt de verhouding tussen bedrijfsresultaat en de beloning voor de bedrijfstop scheef, omdat ze de beloning van hun CEO aan de hand van niet-prestatiegerichte cijfers vaststellen.

Dat blijkt uit Amerikaans onderzoek, waarin de resultaten van de 1500 grootste beursgenoteerde bedrijven in de Verenigde Staten worden vergeleken met de beloningen die hun CEO's ontvingen.

De onderzoekers komen tot de conclusie dat een meerderheid van de bedrijven geen prestatiegerichte meetwijze hebben om te bepalen hoeveel waarde hun CEO aan de onderneming toevoegt - en dus ook niet weten welke beloning hier tegenover moet staan.

De conclusies zijn ook op Nederlandse bedrijven van toepassing volgens Karel Leeflang, die als partner bij Organizational Capital Partners betrokken was bij het onderzoek.

''Ook Nederlandse bedrijven denken te veel op korte termijn en meten de verkeerde dingen.''

Verkeerde gegevens

"Veel bedrijven bepalen de beloning van hun CEO op basis van de verkeerde gegevens", aldus Leeflang. "Zo is niet de economische prestatie, maar de prijsontwikkeling van aandelen een veelgebruikte manier om de prestaties van een CEO te meten."

"Die koers wordt grotendeels bepaald buiten de invloed van het managementteam om en zegt dus niets over hoe een bestuurder presteert. Zo komt het salaris van een CEO in een hele dubieuze positie."

Uit het onderzoek blijkt dat slechts 12 procent van de CEO's wordt beloond bij het behalen van economische prestaties; de overige 88 procent laat het loon van de bedrijfstop afhangen van andere factoren als bedrijfsgrootte of de branche waarin het bedrijf actief is.

Lange termijn

Ook werken bedrijven volgens Leeflang te veel met doelen op korte termijn. "Ze zijn zo obsessief bezig met de laatste kwartaalcijfers. Er is ondertussen bijna geen aandacht meer voor investeringen en research omdat die allemaal over de langere termijn gaan."

Als voorbeeld noemt hij een oliebedrijf. "Olie is een eindig product, je zou dus verwachten dat oliebedrijven zich vol storten op research in duurzame energie. Als het bedrijf dat niet doet, moeten investeerders zich toch eens achter de oren krabben."

Er zijn ook lichtpuntjes. ''Bedrijven als Apple of 3M werkten twintig jaar geleden al met langetermijndoelen. Je ziet dat terug in hoe relevant ze nog zijn in hun branche. In Nederland zijn ASML en Unilever hele goede voorbeelden."