Woensdag kelderden de Europese aandelenbeurzen. In Griekenland stond de index zelfs even 10 procent in het rood. Al weken komen er verontrustende berichten vanuit de financiële markten.

De Atheense aandelenindex sloot woensdag uiteindelijk met een verlies van ruim 6 procent.

Donderdag zette de daling licht door maar vrijdagmiddag krabbelde de meeste indices weer op. Is er reden tot paniek?

Ook alle 25 Nederlandse fondsen die aan de Amsterdam AEX staan genoteerd doken in het rood. Aan het einde van de handelsdag stond het grootste verlies in bijna drie jaar tijd op het bord.

Londen, Parijs, Frankfurt, New York. Overal doken de graadmeters op 15 oktober in het rood. De Dow Jones liet woensdag zelfs het grootste verlies in drie jaar zien, maar sloot uiteindelijk op een min van 1 procent. Die schade werd in alle Europese hoofdsteden vrijdag alweer ruimschoots goedgemaakt.

Waar en wanneer deze onrust precies ontstond is niet helemaal duidelijk. Afgelopen zomer waarschuwde het Centraal Planbureau (CPB) dat de crisis in Oost-Oekraïne en Rusland de groei in Nederland kan aantasten. Maar op een stevig draaiende economie mag dat geen serieus effect hebben.

Duitsland

Er is meer aan de hand, de onrust werd dan ook pas goed  merkbaar toen de Duitse motor begon te haperen. De grootste economie in de eurozone, onbreekbaar tijdens de crisis zo leek het, kwam in augustus met verontrustende cijfers.

De industriële productie kende die maand zijn slechtste periode in vijf jaar met een daling van meer dan 4 procent, er kwamen in dezelfde maand flink minder orders binnen en de groeiverwachtingen werden voor dit en volgend jaar door het Internationaal Monetair Fonds (IMF) naar beneden bijgesteld.

Tijdens de jaarlijkse vergadering van het IMF vorige week in Washington was de nervositeit op de beurzen dan ook het belangrijkste onderwerp van de bijeengekomen politici en economen.

Griekenland

Griekenland werd weer aangewezen als het zorgenkindje in Europa. Het Zuid-Europese land wil weer financieel op eigen benen staan, maar het IMF ziet dat niet zitten. ''Griekenland krijgt langzaam weer toegang tot de markt, maar de situatie blijft kwetsbaar'', stelde Poul Thomsen, IMF-directeur van de Europadivisie. Griekenland blijft nog even aan het noodinfuus als het aan hem ligt.

Ook de Verenigde Staten voedt de onrust. Niet met één grote klap, zoals het geval was bij de val van Lehman Brothers in 2008, maar met verschillende speldenprikjes waardoor het ook hier lastig te zeggen is waar het euvel precies zit.

Tel daar de historisch lage olieprijs, het ruime monetaire beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) en het deflatiegevaar in de eurozone bij op, en het is niet zo verwonderlijk dat er meerdere oorzaken en oplossingen worden aangedragen om de onrust te verklaren.

Correctie

Als je het aan analisten van ABN Amro en ING vraagt, wordt de soep niet zo heet gegeten als die wordt opgediend. De koersdalingen van deze week zijn niets meer dan het gevolg van een financiële correctie, zegt Bob Homan, hoofd van de beleggersdivisie bij ING.

"Ik ben eerlijk gezegd blij dat we die nu hebben zodat er niet nog meer lucht in de koersen wordt geblazen. Veel beleggers denken: ik pak nu mijn winst. Dat heeft een zelfversterkend effect op de financiële markten", aldus Homan. Een echte aanwijsbare reden is er volgens hem nu niet.

Zijn collega bij ABN Amro, Ben Steinebach, noemt de situatie niet zo erg als de koersen doen vermoeden. "De Europese economie oogt slecht. Ik zeg nadrukkelijk oogt, want de onderliggende cijfers zijn niet zo slecht."

De slechte industriecijfers uit Duitsland wijt hij zelfs aan een andere vakantieplanning in dat land. "Door nieuwe regels nemen bijna alle Duitsers in augustus vakantie op, er zijn dan dus veel minder mensen aan het werk. Ik durf daarom wel te stellen dat september een ontzettende goede maand wordt ten opzichte van augustus", aldus Steinebach. "Geen enkele reden tot paniek", besluit Homan.

Zorg

Volgens Lex Hoogduin, hoogleraar economie aan de Rijksuniversiteit Groningen, hebben we met meer te maken dan 'slechts' een financiële correctie.

Ook hij vindt het lastig om precies aan te wijzen waar het pijnpunt nu precies zit, maar twee zaken licht hij er wel uit: de waarschijnlijke renteverhoging in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk en de spanningen over welke kant het beleidsmatig opgaat in Europa.

Vooral dat  laatste punt is een punt van zorg, vindt Hoogduin. "Frankrijk en Italië willen meer ruimte om af te wijken van de begrotingsregels maar dat ziet Duitsland niet zitten. Hoe los je dat op?"

Frankrijk en Italië houden zich niet aan de Europese regels met een respectievelijk te hoog begrotingstekort en een te hoge staatsschuld. Economen en politici hebben de landen meermaals op de vingers getikt, maar tot grote hervormingen en bezuinigingen heeft het nog niet geleid.

Regie

Hoogduin: "Er is geen regie hoe we nu verder moeten in Europa terwijl de economie stagneert . Dat was de kern van de eurocrisis. We zijn het op papier met elkaar eens over de regels, maar zodra we die toepassen willen we ons daar niet meer aan houden. Beleggers houden niet van dat type meningsverschillen."

Hoe Europa nu precies verder moet, is niet de juiste vraag volgens de hoogleraar. Er zijn namelijk wel oplossingen, het probleem is dat die allemaal verschillend zijn.

"Ik zie het liefste dat Frankrijk en Italië zich gewoon aan de regels houden door te bezuinigen en te hervormen. Maar deze landen mogen wat mij betreft de investeringen tijdelijk verhogen als dat de enige manier is om deze Europese begrotingsronde zonder grote spanningen te laten slagen. Dat kan al dan niet met de hulp van de Europese Investeringsbank", aldus Hoogduin.

Meer langere verhalen en achtergronden op NUweekend