De milieuregels in Nederland zijn te ambitieus en kosten de haven van Rotterdam klanten. 

Dat stelt directeur Allard Castelein dinsdag in Trouw.

"We moeten uitkijken dat we bedrijven verplichtingen stellen, terwijl ze 150 kilometer verderop, over de grens, een factor twintig vrijer kunnen opereren."

Door bestuurlijke stroperigheid gaat de besluitvorming in Nederland traag, aldus de havendirecteur. Bovendien krijgen bedrijven te maken met te veel extra eisen en verplichtingen.

"Te vaak worden extra eisen opgelegd die ver boven Europese en mondiale afspraken uit gaan", zegt Castelein, die sinds begin dit jaar topman is van de Rotterdamse haven.

Zo zou in Duitsland de norm voor de uitstof van stikstof nu zeven keer zo soepel zijn als de Nederlandse. De Duitsers overwegen zelfs om de norm nog verder te versoepelen tot twintig keer de Nederlandse norm. "We hebben de neiging zo ver voor de muziek uit te lopen dat andere landen in de verte staan te zwaaien en zeggen: zie ze daar in Nederland eens gaan."

Druk

De concurrentiepositie van Nederlandse havens staat onder druk, zo bleek eerder dit jaar uit onderzoek van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Dat komt doordat havens als die van Hamburg en Antwerpen staatssteun krijgen, schrijft Trouw.

Castelein wil dat Rotterdam de "beste haven ter wereld" blijft. Hij wil daarom dat de uitgangspositie voor Europese havens gelijkwaardiger wordt.

Nederland moet ondanks de economische crisis de ambitie tonen na te denken over wat er nodig is om internationaal aan de top te blijven.

Het Havenbedrijf Rotterdam is eigendom van de gemeente Rotterdam en de Nederlandse staat. Voor Castelein topman werd van de haven van Rotterdam was hij wereldwijd verantwoordelijk voor het milieubeleid van oliebedrijf Shell.