Investeringen in goede banen kunnen de economische groei in armere landen vooruithelpen.

Dat stelt de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) in een dinsdag gepresenteerd rapport.

In opkomende landen die sinds het begin van deze eeuw veel investeerden in hun arbeidsmarkt, groeide de economie sinds 2007 jaarlijks een procentpunt harder dan in andere landen. Daarmee wisten ze de klap van de internationale recessie te verzachten, terwijl de betere banen ook de inkomensongelijkheid verkleinden.

''Ontwikkeling komt niet van export, handel of buitenlandse investeringen alleen'', stelde ILO-topman Guy Rider. ''Sociale voorzieningen, respect voor arbeidsvoorwaarden en een beleid dat formele werkgelegenheid stimuleert zijn ook cruciaal om goede banen te creëren, die zorgen voor een hogere levensstandaard, de consumptie omhoog helpen en de groei stuwen.''

Ontwikkelingsbeleid

Goede banen moeten volgens de ILO daarom een centrale rol spelen in het ontwikkelingsbeleid van de komende jaren. In ontwikkelingslanden zijn jaarlijks zo'n veertig miljoen nieuwe banen nodig, alleen om de groei van de beroepsbevolking bij te kunnen houden en een verdere stijging van de jeugdwerkloosheid te voorkomen.

Vooral in het Midden-Oosten en Noord-Afrika is die al zeer hoog. Een op de drie jongeren slaagt er in die regio's niet in een baan te vinden.

Werkloosheid

De ILO telde vorig jaar wereldwijd iets minder dan tweehonderd miljoen werklozen en verwacht dat er dit jaar ruim drie miljoen bijkomen. In 2019 loopt het aantal werklozen naar verwachting op tot 312 miljoen. De werkloosheid blijft het hoogst in het Midden-Oosten en Noord-Afrika, maar loopt volgens de VN-organisatie dit jaar het sterkst op in Midden- en Oost-Europa en de staten van de voormalige Sovjet-Unie.

In de komende vijf jaar wordt naar schatting 90 procent van de nieuwe werkgelegenheid in armere landen gecreëerd, wat belangrijke gevolgen kan hebben voor de migratie. De ILO ziet steeds meer migratie tussen landen op het zuidelijk halfrond en wijst erop dat steeds meer arbeiders rijkere landen verlaten om gebruik te maken van kansen in opkomende markten.