Tientallen Europese bedrijven hebben de afgelopen weken een bezoek gebracht aan Iran in de hoop zaken te kunnen doen als de relatie tussen Teheran en de rest van de wereld verder verbetert.

Dat schrijft de Financial Times. Het gaat vooral om Duitse en Franse ondernemingen, maar ook enkele bedrijven uit Italië en Oostenrijk hebben interesse.

Onder meer de Duitse farmaceut Merck sprak recent met potentiële partners in Iran over de productie van medicijnen.

Ook het Franse Sanofi overweegt het aantal middelen dat het nu al laat maken in Iran uit te breiden. Daarnaast maakten de afgelopen maand ook autofabrikanten, grondstoffen- en energiebedrijven en transporteurs de reis naar Teheran.

Impasse

Eind november bereikte de internationale gemeenschap na een jarenlange impasse een voorlopig akkoord met Iran over het atoomprogramma.

De Islamitische Republiek beloofde onder meer de verrijking van uranium te beperken en in ruil daarvoor werden internationale strafmaatregelen verzacht. Binnen een half jaar moet er een vervolgakkoord komen, maar of dat akkoord daadwerkelijk wordt getekend is nog zeer onzeker.

Meer ruimte

Volgens het voorlopige akkoord blijven de meeste sancties tegen de Iraanse olie-industrie en de financiële sector gehandhaafd, maar krijgt het land iets meer ruimte in de auto- en petrochemische industrie. Ook worden enkele randvoorwaarden voor de uitvoer van producten versoepeld.

Medicijnen zijn op humanitaire gronden nu al uitgezonderd van de strafmaatregelen, maar westerse farmaceuten hebben wel moeite om handel te drijven met Iran door beperkingen wat betreft verzekeringen, betalingen en vervoer. Daar zou een verdere verlichting van de sancties verandering in kunnen brengen.