Kodaira wint olympische 500 meter, Ter Mors knap zesde

De Japanse Nao Kodaira heeft zondag olympisch goud veroverd op de 500 meter. De Nederlandse vrouwen grepen zoals verwacht naast een medaille, maar Jorien ter Mors werd wel knap zesde in de Gangneung Oval.

De twee andere Nederlandse schaatssters eindigden in de achterhoede op de kortste sprintafstand. Anice Das, die op 32-jarige leeftijd haar olympisch debuut maakte, werd negentiende in 38,75 en Lotte van Beek (39.18) eindigde als 23e.

Ter Mors klokte 37,53 en dat was een zeer knappe tijd. De Enschedese, die eerder de 1000 meter won, bleef niet ver verwijderd van haar persoonlijk record (37,39) en ging zelfs enige tijd aan de leiding.

In de laatste ritten waren er toch nog vijf schaatssters sneller, onder wie dus topfavoriete Kodaira die met 36,94 een olympisch record reed.

De Zuid-Koreaanse Sang-Hwa Lee (37,33) pakte zilver en de Tsjechische Karolina Erbanova (37,34), die in Nederland traint onder coach Dennis van der Gun, completeerde het podium met brons. De Oostenrijkse Vanessa Herzog werd in 37,51 vierde, terwijl de Amerikaanse Heather Bergsma teleurstelde met de elfde plaats.

Geen verrassing

Het goud van de 31-jarige Kodaira is geen verrassing, want ze won de afgelopen twee jaar al haar internationale wedstrijden op de 500 meter. Op de 1000 meter was ze ook al de grote favoriet, maar toen moest ze achter Ter Mors genoegen nemen met zilver.

Kodaira, die tussen 2014 en 2016 in Nederland trainde en ook Nederlands spreekt, is door haar zege op de 500 meter de eerste Japanse vrouw ooit die olympisch goud pakt bij het langebaanschaatsen. Het Aziatische land had met Hiroyasu Shimizu wel al een olympisch kampioen bij de mannen. Hij pakte in 1998 in Nagano goud op de 500 meter.

Kodaira is de de opvolgster van Sang-Hwa Lee, die in Vancouver (2010) en Sochi (2014) goud pakte bij de vrouwen. De Koreaanse titelverdedigster ging in de voorlaatste rit, de rit na Kodaira, voortvarend van start maar ze kwam uiteindelijk niet aan de 36,94 van Kodaira.

De 28-jarige Lee was wel een honderdste sneller dan Erbanova. Ook het verschil tussen Ter Mors en nummer vijf Brittany Bowe was met negen duizendsten miniem (37,539 om 37,530 in het voordeel van de Amerikaanse). 

Ter Mors ging in de vierde rit uitstekend van start en opende in 10,50. Zo snel had ze nog nooit de eerste 100 meter afgelegd. De Twentse legde zo de basis voor haar uitstekende tijd, die uiteindelijk dus net niet genoeg bleek voor een medaille.

Tip de redactie