De EU-lidstaten moeten hun nationale markten voor het wegvervoer meer openstellen voor internationale concurrentie. Dat kan de efficiëntie van het goederenvervoer over de weg aanzienlijk verbeteren.

Dat stelt de Europese Commissie in een rapport.

Elke dag rijdt bijna een kwart van alle vrachtwagens in Europa leeg rond, op weg naar huis of van de ene klus naar de andere. Dat leidt tot verkwisting, verkeersproblemen en milieuschade, aldus Eurocommissaris Siim Kallas (Verkeer).

Hoofdreden is dat nog steeds veel lidstaten buitenlandse vervoerders verbieden om binnenlandse transporten te verzorgen.

Concurrentie

Transport en Logistiek Nederland (TLN) is tegen het voorstel van de Europese Commissie. Versoepeling van de huidige regelgeving leidt volgens de Nederlandse ondernemersorganisatie tot oneerlijke concurrentie en verdringing op de arbeidsmarkt. Dat komt doordat de loonverschillen tussen de lidstaten te groot zijn.

Op dit moment mag een buitenlandse vervoerder in een andere lidstaat niet meer dan drie binnenlandse ritten binnen een week uitvoeren. Dat moeten er niet meer worden zolang de verschillen tussen de EU-lidstaten zo groot zijn, vindt TLN.

De verladersorganisatie EVO steunt de Commissie wél. De beperking tot drie binnenlandse ritten hindert volgens EVO een efficiënte goederenstroom. ''Van één Europese vervoersmarkt, met keuzevrijheid voor bedrijven die transport inhuren, is nog geen sprake'', aldus de organisatie.