De inflatie in de eurolanden is in februari gezakt naar gemiddeld 0,7 procent. Dat blijkt uit een nieuwe schatting die Europees statistiekbureau Eurostat maandag heeft gepubliceerd.

Op basis van een eerste schatting werd eind vorige maand gemeld dat de geldontwaarding in februari was gestabiliseerd op 0,8 procent. De inflatie ligt al geruime tijd aanzienlijk onder het niveau van iets minder dan 2 procent waar de Europese Centrale Bank naar streeft.

De ontwikkeling van de inflatie loopt binnen de eurozone nog altijd sterk uiteen. In Griekenland en Cyprus daalde het gemiddelde prijspeil vorige maand met circa 1 procent.

In Portugal werd een inflatie van min 0,1 procent gemeten. De inflatie was met 1,5 procent het hoogst in Oostenrijk. In Nederland halveerde de geldontwaarding volgens de Europese definitie tot 0,4 procent.

ING-econoom Martin van Vliet verwacht niet dat de lager dan verwachte inflatie in februari de ECB op korte termijn zal aanzetten tot nieuwe maatregelen. Daar is volgens hem een verslechtering van de Europese economie of een verdere stijging van de euro voor nodig.

De nieuwe cijfers wijzen er volgens Van Vliet wel nogmaals op dat de eurozone waarschijnlijk nog geruime tijd met lage inflatie te maken zal hebben. ''Dat zal het voor sommige landen zeker niet makkelijk maken om hun schuldenlast af te bouwen'', stelde hij.