Energiebedrijf Essent verkoopt zijn warmtenetwerk en drie warmte-krachtcentrales in Helmond, Eindhoven en Enschede aan pensioenuitvoeringsorganisatie PGGM en technische dienstverlener Dalkia.

Dat maakte Essent vrijdag bekend.

Het is de bedoeling dat PGGM en Dalkia gezamenlijk een onderneming oprichten. 180 medewerkers van Essent en 65.000 klanten stappen over naar de nieuwe eigenaren. Partijen maken geen financiële details over de transactie bekend.

Essent-bestuurder Patrick Lammers zegt in een verklaring over het afstoten van de activiteiten dat het energiebedrijf zich ook uit financiële overwegingen meer wil richten op kleinere warmteprojecten.

''De groei en stimulering van collectieve warmteprojecten is en blijft belangrijk. De beperkte schaal waarop deze projecten van de grond komen en door ons gefinancierd kunnen worden, leidt ertoe dat wij ons meer op innovatie van decentrale projecten richten, dan op de levering van collectieve warmte'', aldus Lammers.

Bij warmtekracht gaat het om warmte die bijvoorbeeld overblijft bij industriële processen en die via leidingen wordt afgezet in woningen maar onder meer ook in ziekenhuizen en kantoren.

PGGM

PGGM, de pensioenuitvoerder van Pensioenfonds Zorg en Welzijn, investeert in het warmtenetwerk "vanwege de duurzaamheid van het gebruik van restwarmte", licht een woordvoerder toe.

De investering heeft voor de pensioenbeheerder een "goede balans tussen risico en rendement." PGGM denkt voor zeker twintig jaar betrokken te blijven bij het warmtebedrijf. 

Dalkia, wereldwijd de grootste speler in warmtenetwerken, moet de komende jaren de expertise leveren om het netwerk efficiënter te maken.