Het is duidelijk dat er grote problemen zijn bij de Rabobank. De bank krijgt de volle laag door de haperende Nederlandse economie en de problemen in de binnenvaart en tuinbouw.

Dat zegt Jaap Koelewijn, professor corporate finance van de businessuniversiteit Nyenrode. In de jaren ‘90 was hij als hoofd research bij een onderdeel van de Rabobank werkzaam.

Het afgelopen weekeinde werd bekend dat ongeveer een derde van de lokale afdelingen van de Rabobank onder toezicht van het hoofdkantoor komen te staan. Ze hebben hun administratie niet op orde of zijn zelfs in de rode cijfers geraakt.

Daarmee komt een definitief einde aan het beeld van de Rabo als onaantastbare bank die zelfs na de kredietcrisis van 2008 zonder staatssteun kon functioneren.

Maatregelen

Het verbaast Jaap Koelewijn niet dat het hoofdkantoor deze maatregelen heeft afgekondigd. “In een langdurige recessie waarin de waarde van het vastgoed sterk onder druk staat, kan het zijn dat er 10 of 15 van de 136 zelfstandige Rabobanken problemen krijgen. De Rabo zit erg in sectoren waar het heel slecht gaat, zoals de binnenvaart en de tuinderijen in het Westland”, aldus Koelewijn.

“Bovendien is de bank sterk gericht op Nederland en krijgt daardoor ook de volle laag van de geringe bereidheid van mensen om te kopen. Het is niet voor niets dat de top van de Rabobank graag wil dat de overheid de lasten van de burgers niet langer gaat verzwaren.”

Toezicht

Het is de vraag in hoeverre het toezicht van bovenaf de noodlijdende lokale Rabobanken kan helpen. Koelewijn: “De economie zoals die op dit moment draait, kunnen ze inderdaad niet veranderen, maar het hoofdkantoor zal de problemen in elk geval beter in kaart willen brengen, zodat ze niet steeds overvallen worden door lokale tegenvallers. Uiteindelijk kunnen ze ook kredieten saneren. Ze hebben ook al aangekondigd banken door fusies te gaan versterken.”

Zonder slag of stoot zullen de ingrepen van bovenaf niet gaan omdat de Rabobank een coöperatie is van zelfstandige banken, waar de ruim twee miljoen leden de baas zijn. Voor deze meest trouwe klanten geeft de Rabobank zogenaamde ledencertificaten uit, die 5 procent rente geven.

Kunstmatig

Deze certificaten, die een keer per maand verkocht kunnen worden, stonden als zeer solide bekend. Sinds 2009 is de waarde ervan echter gedaald tot de uitgiftekoers. De afgelopen maanden is het aantal verkopers veel hoger dan de kopers en moet de koers ‘kunstmatig’ op de uitgiftekoers gehouden worden.

“Ik heb er toevallig zelf ook enkele”, zegt Koelewijn. “Ik controleer geregeld mijn beleggingen en heb in juli nog naar deze ledencertificaten gekeken. Ik heb ze gehouden omdat de rente toch heel behoorlijk is. Maar de risico’s ervan zijn toch substantieel toegenomen, dat is zeker zo.”

Recessie

Behalve met de recessie worstelen de zelfstandige Rabobanken ook met alle nieuwe regelgeving die toezichthouders als AFM en De Nederlandsche Bank eisen. “Je ziet dat extra toezicht overal, niet alleen bij banken, maar ook in het onderwijs, de gezondheidszorg, bij woningcorporaties”, verklaart de leraar.

“Deze compliance staat ook weer een beetje op gespannen voet met het coöperatieve gedachtegoed van de Rabo.  De banken zijn zelfstandig en dan zijn er altijd vestigingen die het niet zo nauw nemen met al die nieuwe regeltjes. Ik moet eerlijk zeggen dat die soms ook wel doorgeschoten zijn. Maar het hoofdkantoor heeft er mee te maken en wil ook om die reden de grip op de kantoren versterken.”

De Rabobank telt 135 zelfstandige banken die samen 820 bijkantoren hebben. Die worden ook teruggebracht naar 450. Bovendien zal het personeelsbestand in twee jaar van 28.000 naar 20.000 dalen. Samen moet dat een jaarlijkse bezuiniging van 500 miljoen opleveren.