Het Enschedese bedrijf Biomass Technology Group (BTG) zegt een auto te kunnen laten rijden op diesel die voor een kwart gemaakt is van houtresten.

Het bewijs wil het maandag leveren op de campus van de Universiteit Twente, in het bijzijn van minister Henk Kamp (Economische Zaken).

Twentse wetenschappers meldden een kleine 3 jaar geleden al dat zij erin waren geslaagd brandstof te maken van hout- en plantenafval dat niet geschikt is voor consumptie door mensen en dieren. ''Dat was in een laboratorium, inmiddels zijn we een belangrijke stap verder'', aldus directeur Gerhard Muggen van BTG.

Terreinwagentje

Destijds ging het nog om milliliters, maar nu zijn de onderzoekers ver genoeg om rond te rijden in een terreinwagentje waarvan de tank gevuld is met een mengsel van 25 procent duurzame biodiesel en 75 procent gewone diesel. ''Dat is nog nergens op de wereld iemand gelukt'', stelt Muggen.

Naast de provincie Overijssel en de rijksoverheid, die miljoenen investeren, betalen volgens Muggen ook verscheidene grote oliemaatschappijen mee aan het onderzoek.

Namen wilde hij evenwel niet noemen omdat BTG geheimhouding heeft beloofd. ''Ze betalen een flink deel van ons salaris'', wilde hij wel kwijt.

Productie

Muggen verwacht dat oliemaatschappijen binnen 5 tot 10 jaar ook in de daadwerkelijke productie gaan investeren. Zij worden daartoe gedwongen door de voortdurende aanscherping van de duurzaamheidseisen waaraan autobrandstoffen moeten voldoen. ''Dan praat je over honderden miljoenen'', aldus de directeur.

De provincie Overijssel heeft 2,5 miljoen euro geïnvesteerd in de zogenoemde pyrolyse-technologie van BTG. De rijksoverheid steekt er in het kader van haar topsectorenbeleid 4 miljoen euro in. Ook de Europese Commissie heeft financiële steun toegezegd.