Ondanks de crisis is Nederland is een ‘wereldland’, zegt Chris Heutink, algemeen-directeur van Randstad Nederland. “De flexmarkt wordt alleen maar groter.”

Het viel Heutink, na zijn terugkeer uit Polen waar hij een aantal jaren werkte, op hoeveel er in Nederland geklaagd werd. “Er zijn heus groepen die het minder hebben, maar over het gros gekeken hebben wij mooie dingen”, zegt Heutink.

Heutink praat met NUzakelijk naar aanleiding van de deelname van Randstad als partner van de campagne Wereldland Nederland. Daarvoor hebben een aantal grote bedrijven de handen ineen geslagen om het optimisme in Nederland te vergroten.

De Randstaddirecteur noemt voorbeelden als het Rijksmuseum, Schiphol en de Rotterdamse haven. “We zijn goed in sport, DJ’s reizen de hele wereld over. Ook voor mensen zonder werk zijn de zaken goed geregeld, waaronder veel initiatieven om mensen aan het werk te helpen. Maar we hebben de neiging om te benoemen wat niet goed gaat.”

Wat betekent de economische situatie op dit moment voor Randstad?
“Sinds 2009 kruipt de economie omhoog, maar ook wij hebben ongelofelijk veel last gehad van marktverval. De uitzendmarkt is nu een vlakke markt. Let wel, in 2009 deed de markt min 30 procent. Dan is de situatie nu toch een stuk rooskleuriger. 

Ik zie veel positieve signalen. De transportsector zit, in ieder geval wat uitzendkrachten betreft, in de lift. Dat betekent groei, in de zin van werk.”

Wat is uw verwachting van hoe uw branche zich in de komende tijd zal ontwikkelen, waar komen de accenten te liggen?
“De flexmarkt wordt alleen maar groter. Nu al kent van de totale beroepsbevolking 30 procent een vorm van flexibiliteit. Van zzp’ers tot en met tijdelijke contracten. De enige manier voor een bedrijf om te concurreren op de grote markt die de wereld heet, is zo flexibel mogelijk zijn.

Als je dat heel verstandig doet, dan is het ook voor de werknemer in kwestie een prima omgeving om te werken. Er wordt wel eens de suggestie gewekt in dit land dat flexibiliteit niet goed is. Dat het niet hebben van een vaste baan hebben niet goed is. Maar 30 procent hééft gewoon geen vaste baan, en die zijn natuurlijk niet allemaal ongelukkig.

Vroeger had je een vaste kern met wat zieken en pieken, dat was onze business. Bijvoorbeeld 100 man extra in de zomer. Dat gebeurt nog steeds, maar gemiddeld zijn we bij bedrijven veel verder opgeschoven, en optimaliseren wij de personeelscapaciteit. 

We helpen bedrijven nu met ‘strategische personeelsplanning’. Wat doe je als er over vijf jaar een tekort aan mensen is? Die tekorten zitten nu al in IT en Techniek. Daarnaast is er door vergrijzing het gevaar dat er veel mensen uitstromen die een grote dosis kennis meenemen. Er zit nog niet genoeg kennis bij bedrijven om dit op te vangen.

Je moet dus ook slim flexibiliseren. Ik zou nooit zeggen ‘doe alles maar flex’. Kijk je naar kritische functies, dan wil je die soms aan jezelf binden. Trouwens, iemand kan wel een vast contract hebben, maar als diegene erg goed ligt in de markt, kan hij morgen weg zijn.”

Hoe zorgt u ervoor dat Randstad zich positief blijft onderscheiden van de andere bedrijven in uw branche?
“Ten eerste beschikken we over een ongelofelijk grote database met mensen, en we weten wat die mensen willen en kunnen. Daarnaast hebben we een enorm bedrijvennetwerk. We weten kortom wat de vraag is, kennen het aanbod, en hoe we dit moeten ‘matchen’. Dat ondersteunen we met veel digitalisering om die databases te ontsluiten.

Tot slot hebben we veel expertise over het moment dat de vraag bij de klant ontstaat tot en met het werven, selecteren, plannen en begeleiden. Zodat de verhouding vast-flex optimaal is. In al die stukjes in het proces hebben we zoveel expertise opgebouwd, dat dat een onderscheidend vermogen is.

In de relatie met bedrijven zijn we opgeschoven naar veel meer profielen. Ging het vroeger om 100 man productie, of 100 datatypisten, nu leveren we bijvoorbeeld ook klantenrelatiebeheerders bij banken, of mensen die we in een technische vakschool van niet-operator naar operator te brengen. We willen mensen scholen voor een wereld die snel verandert.

Het opheffen van de HR-afdeling en dit laten doen door Randstad? Het zou best kunnen, op z’n minst kan die afdeling een stuk kleiner. Ik denk dat we die expertise hebben.”

Wat is uw boodschap aan consumenten, bedrijven en de overheid om het optimisme in de economie te herstellen?
“Ik besef ook wel dat een campagne als Wereldland Nederland niet zal leiden tot economische groei. Maar het helpt enorm om eens wat optimistischer in het leven te staan. Dat betekent de dingen die je hebt waarderen, en dingen waar je goed in bent, nog beter maken. Het is te gemakkelijk om bij de pakken neer te gaan zitten.

Laten we nou eens initiatieven ontwikkelen om de werkloosheid werkelijk terug te dringen. Dat mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt kunnen re-integreren, over de volle breedte. En laten we zorgen voor projecten die, met de wielen op de grond, daadwerkelijk tot resultaten leiden.

Je kan wel een Technisch Pact sluiten, maar dat moet je dan ook heel snel in roulatie brengen. Je kan als overheid wel roepen ‘55+’ers moeten meer aan het werk’, maar dan moet je wel een convenant sluiten met het UWV en hoeveel mensen gaat Randstad dan naar de markt brengen. Dat gebeurt nu gelukkig ook.

Ik herinner me ook nog de tijd dat we er naar keken, maar niemand wat deed. Zo gaan grote dingen vaak zweven. Aan het einde van de rit denk je dan, ‘wat is er nou precies gebeurd?’.

Je moet zaken als jeugdwerkloosheid heel concreet maken. Vraag je af: Wat gaan we doen, wie doen er aan mee, voor wie doen we dit, en wanneer is het klaar? Daar worden nu gelukkig de nodige stappen ondernomen."

Zie ook: AH ziet kansen ondanks zuinige consument