Op de tiende Open Huizen Dag zaterdag zijn in totaal zo'n 105.000 woningbezoeken afgelegd.

Dat heeft makelaarsorganisatie NVM laten weten. Dat zijn er 2000 minder dan tijdens de vorige editie van het halfjaarlijkse evenement.

Zo'n 50.000 te koop staande huizen openden tussen 11 en 3 uur hun deuren voor potentiële kopers.

Desondanks werd lang niet elk huis bezocht. Naar schatting kreeg 1 op de 3,5 verkopers helemaal geen geïnteresseerden over de vloer. In de grote steden rinkelde de deurbel het vaakst: op woningen in bijvoorbeeld Den Haag kwamen gemiddeld 4 à 5 kijkers af.

Opvallend was de positieve stemming onder potentiële kopers, aldus een NVM-woordvoerder: ''Er is eindelijk meer duidelijkheid over de markt. Het glas is voor mensen weer halfvol in plaats van halfleeg.'' Bezoekers meenden dat het nú aantrekkelijk was om een huis te kopen.

Zaterdag konden iets minder woningen worden bezocht dan de vorige keer. Een logische ontwikkeling, aldus de zegsman: ''Wie nu de markt opgaat, moet zich heel goed afvragen of hij zijn woning alleen te koop zet, of die woning ook echt wil verkopen."

Marktspel

"Want ga je tegenwoordig de markt op, dan moet je wel actief aan het marktspel meedoen. Wil je per se vast blijven houden aan je oorspronkelijke vraagprijs, dan kun je beter het te koop-bord weer uit de tuin halen.''

Volgens NVM-voorzitter Ger Hukker nadert het omslagpunt op de woningmarkt: ''Nu is het moment gekomen voor starters om hun slag te slaan. Woningen zijn zeer betaalbaar, de rente staat laag en er is een heel groot aanbod. Bovendien wordt huren steeds minder aantrekkelijk, omdat het kabinet ernaar streeft om de huren marktconform te maken''.

De optimistische sfeer die de NVM waarnam staat haaks op de eerder uitgesproken verwachting dat deze Open Huizen Dag er een met een rouwrandje zou zijn, omdat veel huizen al jaren te koop staan, zonder zicht op verbetering.