AMSTERDAM – De heilige graal van het starten van een bedrijf, financiering. De bank en private investeerders zijn veel werk om aan boord te krijgen en soms loont het niet.

Thijs Geerdink kent het verhaal. Hij zette 3,5 jaar geleden zijn eigen crowdfunding-concept op genaamd Sprowd, maar daarvoor waren wel investeringen nodig. Hij ging vervolgens op investeerderspad “en dat was zwaar lastig”.

“Leningen aanvragen en avonden met investeerders. Die investeerders willen gewoon voor een paar ton 49 procent van het bedrijf in handen krijgen. Als je dan over een paar jaar een tweede ronde doet ben je het bedrijf praktisch kwijt.”

“Toen dachten we, ‘dit systeem werkt niet’. We doen het gewoon zelf.” Twee maanden geleden begon Geerdink zijn eigen pitch op zijn site. Sprowd heeft zeven ton nodig om wereldwijd van start te gaan en de teller staat nu op bijna 11.000 euro. Geerdink geeft zich nog 233 dagen om het bedrag bij elkaar te verzamelen.

Niet tevreden

“Ik ben inderdaad nog lang niet tevreden met de snelheid waarop investeringen binnenkomen, maar ons concept is ook best een moeilijk verhaal om direct te begrijpen. Mijn moeder snapt dit bijvoorbeeld niet en veel mensen zeggen pas in te willen stappen als Sprowd al een behoorlijk deel van de benodigde investering binnen heeft. Het welbekende kip-en-ei verhaal.”

Crowdfundingplatform Sprowd werkt volgens de internetondernemer met een nieuw systeem, dat het resultaat is van jarenlang geworstel met wereldwijde regels en wetgeving. Bij Sprowd krijgt een investeerder een financieel recht op een bepaald percentage van de toekomstige omzet van een bedrijf. Sprowd houdt alle administratie bij en waarborgt dat investeerders hun uitkering krijgen. “Dit alles zo lang als de bedrijven die via Sprowd ontstaan bestaan.”

Juridisch rondkrijgen

“Het was ontzettend moeilijk om het Sprowd-concept juridisch op wereldwijde schaal rond te krijgen. Wij hebben een structuur opgezet en dat hebben we gestuurd naar de SEC, hoogleraren, juridische kantoren en de AFM met de vraag of ze dit kapot wilden maken.”

Het systeem heeft de test doorstaan en Geerdink is zo overtuigd van de structuur dat hij ook de Amerikaanse markt gaat bedienen. Sprowd heeft zelf naast investeerders uit verschillende Europese landen de eerste Canadese investeerders binnen.

Het toekomstige verdienmodel van Sprowd draait op kleine percentages van de geldstromen zoals de rente op het beheerbedrag of transactiekosten op overboekingen. Voordat een pitch bijvoorbeeld haar volledige investering binnen heeft, bewaart Sprowd het bedrag in de tussentijd en vangt het bedrijf daar rente over. Geerdink benadrukt dat Sprowd in deze fase nog geen geld verdient.

Financiële markten

De grens tussen crowdfunding en geld ophalen via een beursgang lijkt steeds kleiner te worden. Geerdink snapt de vergelijking wel, maar hij wil geen alternatief zijn voor bestaande bedrijven die moeten kiezen tussen een beursgang en investeerders vinden via crowdfunding. 

“Bestaande bedrijven vind ik niet zo sexy. Ik mik meer op het van de grond af oprichten van een bedrijf. Sprowd wil er zijn voor die mensen die vanuit een droom of passie een bedrijf willen opzetten. Net zoals we dit nu zelf doen. Bij een beurs haal je aandeelhouders binnen die stemrecht hebben. Bij Sprowd haal je ‘believers’ binnen.”

“Believers hebben geen stemrecht, maar we laten ze wel met Sprowd meedenken en meebeslissen met ons in de afgeschermde Sprowd Inner Circle. “

De zogenaamde believer is iemand die investeert, maar ook betrokken is bij het bedrijf, zo hoopt de ondernemer. Dit is een belangrijk onderdeel voor Geerdink.“Voor mij is dit religie. Ik geloof dat als iedereen een bedrijfje kan starten, we een betere wereld kunnen maken.”