Drie grote misverstanden over ontslag

AMSTERDAM – De werkloosheid in Nederland is toegenomen tot 6 procent van de beroepsbevolking. Toch bestaat er nog veel onduidelijkheid over ontslag. Drie grote misverstanden op een rij.

Juridisch adviseur Jurofoon en verzekeringsmaatschappij BNP Paribas Cardif merkten afgelopen jaar dat werknemers niet goed weten wat hun rechten en plichten zijn bij ontslag. “Duidelijke communicatie vanuit de werkgever kan helpen om hier meer helderheid in aan te brengen.”

Misverstand 1: Arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd

Veel werknemers denken dat ze een contract voor bepaalde tijd zomaar kunnen opzeggen. Informeer medewerkers bij aanvang van het contract dat dit niet zomaar kan en ze er hier zelfs een boete voor kunnen krijgen. Alleen wanneer in de CAO of arbeidsovereenkomst staat dat het contract tussentijds door de werknemer opgezegd kan worden, staat hij in zijn recht.

Ook weten veel werknemers niet dat een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd automatisch afloopt. Als werkgever hoef je deze dus niet op te zeggen. Wanneer je de werknemer niets laat weten, dan loopt je overeenkomst van rechtswege af.

Misverstand 2: Ontslagvergoeding

Als een werknemer zelf ontslag neemt, dan hoef je als werkgever geen ontslagvergoeding te geven. Toch denken veel werknemers dat ze hier wel recht op hebben. Alleen als een werknemer kan bewijzen dat er bijvoorbeeld sprake is van slecht werkgeverschap, kan de rechter alsnog bepalen dat de werknemer recht heeft op een ontslagvergoeding.

Een werknemer heeft ook geen recht op een WW-uitkering als hij zelf ontslag neemt. Het opzeggen van een baan wordt namelijk gezien als verwijtbare werkloosheid en daardoor vervalt het recht op een WW-uitkering.

Misverstand 3: Concurrentiebeding

Het concurrentiebeding dat je als werkgever in het arbeidscontract hebt opgenomen, blijft ook geldig wanneer je een werknemer ontslaat. Veel werknemers weten dat niet. Alleen de werkgever of de rechter kan een concurrentiebeding beëindigen.

Lees meer over:
Tip de redactie