DEN HAAG - Toen Nederland in het najaar van 2008 de Nederlandse delen van ABN Amro en Fortis kocht voor 16,8 miljard euro, had minister Wouter Bos van Financiën kunnen weten dat er later meer belastinggeld in de fusiebank moest worden gestoken.

Dat zei ABN Amro-topman Gerrit Zalm vrijdag voor de parlementaire enquêtecommissie die de kredietcrisis onderzoekt. Eerder zei voormalig topambtenaar Bernard ter Haar van het ministerie van Financiën dat er ten tijde van de overname geen beeld was dat er extra geld in de bank moest.

Volgens Zalm kon je van een aantal kostenposten weten dat die eraan kwamen, zoals extra kosten voor het integreren van Fortis en ABN en een verlies op een transactie met Deutsche Bank. Toch vindt Zalm niet dat Bos verkeerd heeft gehandeld.

''Het is makkelijk om er nu een kritisch oordeel over te vellen. Maar ik hoop dat als ik toen in de schoenen van Wouter Bos had gestaan, dezelfde beslissing zou hebben genomen.''

De ABN-topman denkt dat Nederland ook niet een 'beleggingsbeslissing' nam. ''Zo van, laten we eens iets leuks doen en dan met winst de boel weer verkopen.''

Fortis

Voor de nationalisatie was ABN Amro overgenomen door Fortis. Dat bedrijf had te veel betaald voor die overname (24 miljard euro). Na de nationalisatie moest dat gecorrigeerd worden door Bos, anders waren jaarrekeningen niet goedgekeurd. Het ging om een bedrag van 6,5 miljard euro.

Of Bos of De Nederlandsche Bank die fikse tegenvaller hadden kunnen voorzien in oktober 2008, durfde Zalm niet te zeggen. ''Ik weet niet of men wist dat de ophanging van die aankoop van 24 miljard euro gedaan was bij Fortis Bank Nederland in plaats van België. Ik weet niet wat men had kunnen weten.''

Dat Bos de 6,5 miljard euro later afdeed als een louter boekhoudkundige kwestie, is volgens Zalm niet juist.

Waarde

Zalm schat de waarde van ABN Amro nu op ongeveer 5 maal de jaarwinst, terwijl banken in 'normale tijden' 10 tot 20 keer de jaarwinst waard zijn. In de eerste drie kwartalen van dit jaar had ABN een winst van 810 miljoen euro.