Een aansteker voor tien cent

De omvang van China heeft voor- en nadelen voor een ondernemer. Aan de ene kant ontstaan er veel mogelijkheden door. Maar aan de andere kant veroorzaakt het dat ik een aanzienlijk deel van mijn tijd doorbreng op vliegvelden.

Door Nuhi Bunyak

Ik vind het leuk om op veel verschillende – en vooral mooie – plaatsen te zijn en te ondernemen, alleen niet om er te komen... Toen ik begin vorig jaar aan mijn eerste lange reis begon, kwam ik er al snel achter dat ik geen geboren reiziger ben.

Ik ben een “settler”, geen “wanderer”. Vliegtuigen, bussen, treinen, ik heb er een broertje dood aan. En ook de uren die ik op vliegvelden doorbreng, beschouw ik niet als de mooiste van mijn leven.

Vliegvelden

Maar aangezien het ondernemerschap hier in China me dwingt om veel te vliegen, kan ik maar beter proberen er het beste van te maken. En wanneer je er oog voor hebt, valt er op Chinese vliegvelden best wat te beleven.

Van de in afgesloten metalen kastjes weggeborgen aanstekers in de rookruimtes waar je keer op keer je vingers aan brandt bij pogingen er een sigaret mee aan te steken, tot de reisinformatie die in beurtelings Engels en Chinees langskomt en die, nogal verwarrend als je het niet weet, niet de vertrektijd maar de tijd dat het inchecken begint aangeeft.

Aanstekers

In China mag je geen aanstekers op je hebben in het vliegtuig. Ze mogen wel mee in de ingecheckte bagage maar niet in de cabine. Vandaar de constructie in de rookruimte. En aangezien de Chinezen fervente rokers zijn, is dat gegeven verder aanleiding tot leuke scenes bij aankomst.

Heftig in hun bagage wroetende reizigers, op zoek naar de ingecheckte aansteker die daar ergens in moet zitten. Maar vooral de onvermijdelijke oude dames die buiten de aankomsthal aanstekers verkopen voor één Renminbi per stuk – 10 eurocent.

Overduidelijk een handeltje met de vuilophalers die de bakken met vlak voor de veiligheidscontroles weggegooide aanstekers leeghalen. Een handelssector is geboren.

Rijen

De lange rijen zijn op Chinese vliegvelden niet korter dan elders. In afstand gemeten. Maar het gaat allemaal wel stukken sneller. Twee uur van tevoren aanwezig zijn? Niet nodig. Ik ga, wanneer ik vanuit Jinghong ergens heenvlieg, drie kwartier voordat mijn vlucht gaat mijn huis uit.

Tien minuten in de taxi, vijf minuten inchecken en dan in vijf minuten de veiligheidscontrole door. Inclusief een vijftig personen tellende rij voor me terwijl de controle vergelijkbaar is met die op ieder ander vliegveld in de wereld. Geen idee hoe ze het doen, maar snel gaat het. Sigaretje roken in de rookruimte en dan zo, huppekee, door het vliegtuig in.

Toegegeven, het vliegveld van Jinghong lijkt op dat van Tirana in de jaren tachtig dus dat is misschien oneerlijk vergelijken met Schiphol. Maar vermenigvuldig de doorlooptijden voor Chengdu met twee – behalve de taxirit, die moet je keer vier doen – en je ziet dat het ook op grote, internationale vliegvelden allemaal lekker opschiet.

Maar ondanks de verschillen blijven het nog steeds vliegvelden. Met onwelriekende mede-reizigers en helverlichte winkeltjes met toeristische meuk. Gelukkig zorgen de verschillen ervoor dat vliegreizen in China toch vermakelijk, vlot en effectief zijn.

Nuhi Bunyak is ondernemer en essayist in het zuiden van China. Zijn bedrijf South China Management Solutions participeert in de horeca en adviseert Chinese en Westerse ondernemingen. Hij is bereikbaar op nuhibunyak@gmail.com

Tip de redactie