AMSTERDAM – Van de ondernemingen die internationaal actief zijn, ervaart 40 procent cultuur- en taalverschillen als de grootste uitdaging. Verschillen in wet- en regelgeving vormen voor 30 procent een obstakel.

Dat blijkt maandag uit onderzoek van ING Commercial Banking. “Die cultuurverschillen zijn voor bedrijven in bepaalde sectoren een reden om meer in de buurt te blijven”, vertelt directeur ING Commercial Banking Nederland Annerie Vreugdenhil. “Dat geldt met name voor detailhandel en zakelijke dienstverlening.“

Andere hindernissen waar ondernemers tegenaan lopen zijn de sterke positie van lokale concurrenten in de markt en het ontbreken van een zakelijk netwerk.

Coolcat

Cultuurverschillen vormen ook voor kledingketen Coolcat een reden om dichtbij Nederland te blijven. “De regelgeving verderop is toch wel duidelijk anders”, aldus eigenaar Ronald Kahn. De retailer, die ook eigenaar is van de ketens Wonder Woman en America Today , heeft momenteel filialen in België, Luxemburg en Frankrijk.

Toch heeft de keten ambities om ook verderop te kijken. “Met de aankoop van M&S Mode, in 2010, hebben we een goede uitgangspositie. In principe komen alle landen waar M&S zit in aanmerking voor uitbreiding van Coolcat en America Today. In de toekomst behoort China zeker tot de mogelijkheden.”

Volgens ING moeten ondernemingen zich veel meer gaan richten op opkomende economieën. Door de economische malaise zal de groei in Nederland en nabijgelegen landen voorlopig veel kleiner zijn dan voorheen. Vooral in Azië en Latijns Amerika liggen kansen, voor sectoren als transport, groothandel, automotive en de agrarische sector.

Duitsland

Tot nu toe beperkt het Nederlands bedrijfsleven zich in internationaal opzicht grotendeels tot de geijkte landen. Ondernemingen slaan het liefst hun vleugels uit in Duitsland, gevolgd door België en Frankrijk. De VS en China staan op de vierde en vijfde plaats, gevolgd door een rij Europese landen.

Slechts 36 procent van de internationaal actieve ondernemingen doet zaken in Azië, tegenover 88 procent in Europa. Afrika bungelt met 11 procent onderaan de lijst.

Concurrentie

Ondernemingen ervaren ook de meeste concurrentie vanuit Europa. Na Nederland worden Duitsland, België en Frankrijk het meest genoemd. Daarna volgen China en de Verenigde Staten.

Volgens Kahn moeten ondernemers alleen expansie overwegen als zij een sterke positie hebben, aanloopverliezen kunnen lijden en over veel geduld en rust beschikken. “Uitbreiding moet vooral stap voor stap plaatsvinden, in niet te veel landen tegelijk.”

Lef

John Stevens van Vanderlande Industries, een bedrijf dat gespecialiseerd is in transportsystemen en logistieke toepassingen, stelt dat voor internationaal zakendoen vooral lef nodig is.

“Het gaat zelden overal in de wereld tegelijk slecht”, aldus Stevens. “Ik raad ondernemers met expansieplannen aan klein te beginnen en langzaam voort te bouwen op behaald succes.”

Ook Stevens ziet zich vooral belemmerd door cultuurverschillen. “Je weet nooit hoe een klant zich gedraagt tijdens een langlopend traject. Dat is voor ons een belangrijke reden om vestigingen in het buitenland te laten leiden door lokaal management.”