AMSTERDAM – Nederlandse supermarkten lijden elk jaar een gezamenlijk verlies van een miljard euro door derving. Dat blijkt woensdag uit een marktstudie van IG&H Consulting & Interim.

Door derving bereiken producten nooit de consument of tegen een lagere prijs dan de beoogde verkoopprijs. De producten vallen bijvoorbeeld kapot of overschrijden de houdbaarheidsdatum, voordat ze langs de kassa gaan.

De derving die wordt geregistreerd loopt per supermarktketen uiteen van 1 tot en met 3 procent van de inkoopwaarde.

Omdat de marges in de sector dun zijn, kan het terugdringen van derving volgens de onderzoekers voor de gemiddelde ondernemer “het verschil maken tussen winst en verlies”. Het verlies door derving kan overigens nooit tot nul gereduceerd worden.

Veeleisende klanten

Uit het dervingonderzoek blijkt dat de hoogte van de derving bepaald wordt door twee factoren: het commerciële formuleprofiel en de operationele ontwikkeling. Ook spelen het aandeel van vers- en actieproducten en het goed voorspellen van de klantvraag een rol.

Klanten worden steeds veeleisender, schrijven de onderzoekers, waardoor supermarkten een groter en ‘dervinggevoeliger’ assortiment moeten aanhouden. “Als retailers niet in staat zijn dit met operationele maatregelen op te vangen, kunnen verliezen hoog oplopen.”