AMSTERDAM - Tussen landen bestaan grote verschillen in waardering van het ambacht en de ambachtscultuur.

Dit stelt Arjo Klamer, hoogleraar culturele economie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, op basis van een internationaal onderzoek dat hij uitvoert.

Ter gelegenheid van de manifestatie Nacht van het Ambacht, vrijdag in Amsterdam, schetst hij de eerste bevindingen uit zijn onderzoek.

In Italië bijvoorbeeld gelden ambachten als ''artistiek en esthetisch'' en staan vakmensen in hoog aanzien. In Nederland associëren we het ambacht veel meer met functionaliteit en maatwerk, aldus Klamer.

Etaleren

Volgens Klamer zouden Nederlandse ambachtsmensen hun vakmanschap nadrukkelijker moeten etaleren ''zodat meer mensen oog krijgen voor hun werk''. Meer waardering voor het ambacht zal uiteindelijk een positieve invloed hebben op de instroom van nieuwe talenten, denkt de hoogleraar.

Die instroom is hard nodig nu tot 2020 minimaal een kwart miljoen nieuwe vakmensen nodig zijn. Er dreigt een groot tekort aan ervaren vaklieden omdat veel ouderen met pensioen gaan, maar ook door uitbreiding van de ondernemingen, aldus een rapport van het Hoofdbedrijfschap Ambachten (HBA).

Waardering

Om de waardering voor de ambachten verder te vergroten, overweegt een meerderheid van de branches de (her)invoering van een meesterstitel. Zo'n keurmerk versterkt de kwaliteit van het onderwijs en opleidingen, terwijl vakmensen en branches zich beter kunnen profileren.

Het HBA wil samen met de brancheorganisaties bekijken waaraan een meesterstitel per branche moet voldoen en hoe deze kan worden ingevoerd.