ZURICH - Opkomende economieën verdienen een hogere kredietrating dan ze van de drie traditionele Amerikaanse kredietbeoordelaars Standard & Poor's, Moody's en Fitch krijgen.

Dit concludeert de Zwitserse vermogensbeheerder Lombard Odier in een onderzoek dat het bedrijf donderdag publiceerde.

Volgens de onderzoekers staan de opkomende economieën er gezonder voor dan de ontwikkelde landen. Zo hebben landen als China, Saudi-Arabië, Rusland en Zuid-Korea een lage staatsschuld, een overschot op de betalingsbalans en kennen ze gunstige economische vooruitzichten. Dit zijn belangrijke indicatoren voor de kredietwaardigheid van een land.

Staatsschulden

Ontwikkelde economieën als de Verenigde Staten, Spanje en het Verenigd Koninkrijk hebben echter te kampen met snel oplopende staatsschulden, fikse tekorten op de betalingsbalans en een stagnerende groei.

Toch geven de Amerikaanse kredietbeoordelaars laatstgenoemde landen stuk voor stuk een hogere rating dan alle opkomende economieën.

China

Lombard Odier verwacht daarom niet alleen dat de kredietrating van de opkomende landen verhoogd zal worden, maar houdt ook rekening met een (verdere) verlaging van de ratings van sommige ontwikkelde economiëen.

Overigens is deze ontwikkeling al in gang gezet. Zo heeft Standard & Poor's de kredietrating van China in ruim 10 jaar tijd met vijf stappen verhoogd naar AA-. Dit is nog slechts een stap lager dan de AA rating van Spanje.

De Zwitserse vermogensbeheerder concludeert verder dat de Chinese kredietbeoordelaar Dagong de opkomende economieën stelselmatig betere beoordelingen geeft. De VS en Spanje krijgen van Dagong slechts een A rating, terwijl China met AAA veel hoger wordt gewaardeerd.