DEN HAAG - Nederland moet bij de onderhandelingen over een nieuw Europees landbouwbeleid niet de financiële bijdrage centraal stellen.

De verandering naar een concurrerende, innovatieve en duurzame land- en tuinbouw zou de leidraad moeten zijn. Dat stellen drie adviesraden in een gezamenlijk rapport, dat dinsdag is aangeboden aan regering en parlement.

De Raad voor het Landelijk Gebied, de Raad voor Verkeer en Waterstaat en de VROM-raad willen af van de inkomenssteun aan agrariërs op basis van productie in het verleden.

Ze volgen ook niet het voorstel van de Europese Commissie om de betalingen te baseren op landbouwhectares. De raden adviseren om boeren en tuinders ''gefaseerd'' voor te bereiden op een vrijere Europese markt.

Betalingen

In een ''overgangsfase'' horen de betalingen uit het gemeenschappelijk landbouwbeleid doelgericht te worden ingezet om het ondernemerschap te versterken. Bovendien moet de land- en tuinbouw inspelen op wensen van de samenleving rond natuur, landschap, milieu en dierenwelzijn.

Per sector moet worden bekeken hoe grote schommelingen in prijzen en inkomens kunnen worden opgevangen en hoe moet worden omgegaan met risico's als plant- en dierziekten en extreme weersomstandigheden.

Het nieuwe Europese landbouwbeleid moet in 2014 van kracht worden. Komende herfst komen er concrete voorstellen voor wetgeving en volgend jaar vindt daarover de besluitvorming plaats.