Zakelijke autorijders die de auto ook privé gebruiken moeten voor dat privégebruik een bedrag bij de winst tellen. Alleen als u kunt aantonen dat u op jaarbasis niet meer dan 500 kilometer privé rijdt, hoeft u niets bij te tellen.

De bijtelling is minimaal 25 procent van de waarde van de auto. Voor zuinige auto's geldt een bijtelling van minimaal 20 procent.

Een auto is zuinig als de CO2-uitstoot van de auto:
• meer dan 95 gram en niet meer dan 116 gram per kilometer is bij een auto die op diesel rijdt
• meer dan 110 gram en niet meer dan 140 gram per kilometer is bij een auto die niet op diesel rijdt

Voor zeer zuinige auto's geldt een bijtelling van minimaal 14 procent. Een auto is zeer zuinig als de CO2-uitstoot van de auto:
• niet meer dan 95 gram per kilometer is bij een auto die op diesel rijdt
• niet meer dan 110 gram per kilometer is bij een auto die niet op diesel rijdt

In 2010 is de bijtelling minimaal 0 procent voor auto's met een CO2-uitstoot van 0 gram per kilometer, de zogenoemde nulemissie-auto's. De term 'minimaal' wil zeggen dat de bijtelling hoger kan zijn als de werkelijke waarde van het privégebruik hoger is.

Voor auto's die meer dan 15 jaar geleden voor het eerst in gebruik zijn genomen, is de bijtelling minimaal 35 procent van de waarde van de auto in het economische verkeer. Bij deze oude auto's is de catalogusprijs niet van belang.

Let op: hoge boetes
Als er ten onrechte geen bijtelling heeft plaatsgevonden voor het privégebruik auto van de zaak kan een boete van maximaal 4920 euro worden opgelegd. Daarnaast is er de mogelijkheid tot een nog hogere (vergrijp)boete bij ontduiken van grote bedragen door bijvoorbeeld het vervalsen van een rittenregistratie.

Rittenregistratie
Met een rittenregistratie kunt u aantonen dat u op jaarbasis niet meer dan 500 kilometer privé hebt gereden. In de rittenregistratie moet u het volgende vermelden:
• het merk van de auto;
• het type auto;
• het kenteken van de auto;
• de periode waarin u de auto hebt gebruikt;
• de ritgegevens.

U vermeldt per rit:
• de datum;
• de begin- en eindstand van de kilometerteller;
• het vertrek- en aankomstadres. Had u een afspraak en reed u daar vanaf uw werkadres heen en daarna weer terug, dan hebt u twee ritten gemaakt;
• de route die u hebt gereden, als u niet de meest gebruikelijke route hebt genomen;
• of het een privérit is of een zakelijke rit;
• de privé-omrijkilometers als tijdens een rit zowel zakelijke als privékilometers worden gereden.

Als uw rittenregistratie niet voldoet aan deze eisen of als u geen rittenregistratie hebt bijgehouden, dan moet u de bijtelling privégebruik auto verrekenen met de autokosten van uw onderneming.

Tip: Om aan te tonen dat niet meer dan 500 kilometer privé is gereden is de rittenregistratie overigens geen verplicht bewijsmiddel; dat kunt u ook op een andere manier bewijzen.

Bron: Kluwer Belastinggids

Terug naar de special