AMSTERDAM – Beleggers en analisten geven de voorkeur aan een bestuursvoorzitter die bescheiden is. Ook vriendelijkheid wordt gewaardeerd in een ceo. Dat blijkt vrijdag uit onderzoek van Rotterdam School of Management en PwC.

Daarnaast gooien eigenschappen als zelfvertrouwen, onopvallendheid en flexibiliteit hoge ogen. De deelnemers aan het onderzoek geven aan een oudere, uit eigen land afkomstige topman of –vrouw meer te vertrouwen dan een jongere en buitenlandse versie.

Of een man of vrouw de scepter zwaait, maakt de beleggers en analisten weinig uit, hoewel zij wel de voorkeur geven aan ‘typisch vrouwelijke’ karaktereigenschappen.

“Beleggers zien vriendelijkheid van de topman of topvrouw als een van de belangrijkste eigenschappen om vertrouwen te winnen. Vrouwen scoren hierop in psychologische tests doorgaans hoger”, licht onderzoeker Erik Roelofsen toe.

Financieel directeuren

Uit het onderzoek blijkt verder dat ceo’s iets minder vertrouwd worden dan cfo’s, financieel directeuren. Dertien procent van de analisten en beleggers vertrouwt de bestuursvoorzitter niet, terwijl 55 procent geneigd is deze wel te vertrouwen. Voor de financieel directeuren liggen deze cijfers respectievelijk op 11 en 62 procent.

Ongeveer een derde van de ondervraagden heeft de afgelopen drie jaar minder vertrouwen gekregen in de ceo. Volgens de onderzoekers heeft die afname te maken met de financiële crisis en zou de behoefte aan een vriendelijker bestuursvoorzitter hier mogelijk ook mee in verband kunnen worden gebracht.

Klagen

Ceo’s kunnen het bij beleggers verbruien door over hen te klagen, te weigeren vragen te beantwoorden en door beleggers en analisten te kleineren. Met empathisch gedrag, bijvoorbeeld interesse tonen, kunnen ze juist vertrouwen winnen.

Door de bank genomen geldt dat slecht gedrag meer vertrouwen kost dan dat goed gedrag oplevert. De beste manier om beleggers en analisten te winnen, is echter door goede resultaten bekend te maken.

Boekhoudregels

Het regelmatig wijzigen van boekhoudregels leidt daarentegen tot wantrouwen. “Beleggers en analisten zijn bang dat bedrijven opportunistisch wijzigingen in hun boekhouding doorvoeren,” aldus Roelofsen.

Het onderzoek is in oktober uitgevoerd onder ongeveer 1400 beleggers en analisten.