AMSTERDAM - Het Nederlandse publiek stelt soms onrealistische eisen aan het toezicht dat De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) uitvoeren op de financiële sector. Dat stelt DNB aan de hand van een recent uitgevoerd eigen onderzoek.

Zo wil ruim 80 procent van de mensen die DNB ondervroeg dat de centrale bank het publiek waarschuwt als een bank in de problemen zit.

Volgens DNB is dit echter onmogelijk. Die waarschuwingen kunnen er namelijk toe leiden dat mensen massaal hun geld weghalen bij de betreffende bank, waardoor die zeker omvalt.

Ook verwacht ruim 60 procent van de ondervraagden dat DNB ervoor zorgt dat er nooit een bank failliet gaat.

Dat zou echter betekenen dat elke bank die in de problemen zit, moet worden gered. Die belofte zou onverstandig zijn omdat het roekeloos gedrag van banken in de hand werkt, betogen de onderzoekers van DNB.

Uitleg

Andere eisen van de ondervraagden stuiten nu nog op wettelijke beperkingen maar moeten in de toekomst wel mogelijk kunnen worden, aldus DNB. Daarbij wijst de centrale bank op de behoefte van bijna 80 procent van de deelnemers aan het onderzoek om na een faillissement precies van DNB te horen waarom de betreffende bank niet kon worden gered.

Uit het onderzoek blijkt dat slechts een op de vijf Nederlanders de taken van DNB (toezicht op de financiële gezondheid van banken) en de AFM (toezicht op het gedrag van banken) goed kan benoemen. Ruim een vijfde kent geen van beide toezichthouders.

Het gebrek aan kennis over de toezichthouders komt niet uit desinteresse, stelt DNB. Ruim 60 procent van de ondervraagden wil wel meer weten over het toezicht. DNB gaat daarom meer werk maken van voorlichting.